Academic Forum

Expand your horizons, take time to reflect

Bij nader inzien andere kop

Dit artikel door Dr. Annemarie Hinten-Nooijen is geschreven naar aanleiding van haar deelname in de masterclass 'Journalistiek voor de 21e eeuw' .

Bij nader inzien andere kop

geplaatst: 18-03-10

De kop voor deze bijdrage had ik al klaar. Ik dacht dat bizarre vondsten in een snel screenbare kop met negatief nieuws de media in moesten. "UvT grote afwezige in landelijk universitair milieuoverleg". Dat was mijn kop. Was ja. Tijdens een rondje bellen over duurzaamheid bij enkele universiteiten had ik ontdekt dat de UvT bij het landelijk milieuoverleg ontbrak. Dat wordt scoren, dacht ik. Wat een vondst, prima geschikt voor een pakkende kop. Maar als groene Leonardo besefte ik dat journalistiek ook anders kan. Bij verder speurwerk bleek ik de milieudeskundige van de UvT zelfs een grote onthulling te doen.

Ranking the stars

Hoe zou Tilburg er op duurzaamheidsgebied voorstaan in vergelijking tot andere Nederlandse universiteiten? Ik besloot een belrondje te doen langs enkele universiteiten om dat te onderzoeken. De wereld van Meerjarenafspraken (MJA), duurzaam bouwen en duurzaam inkoopbeleid opent zich voor me. De milieucontactpersonen beginnen standaard over het convenant van de derde fase van de MJA dat alle Nederlandse universiteiten ondertekenden: per jaar 2% energie besparen. En in 2012 moeten ze voor minimaal 50% duurzaam inkopen. Mijn speurwerk op de websites levert overzichten van energieverbruikcijfers. Maar ik merk dat het vergelijken van cijfers en grafieken op duurzaamheidsgebied lastig is. Een universiteit met laboratoria en veel oude gebouwen verbruikt natuurlijk veel meer dan een universiteit die geen laboratoria en veel nieuwbouw heeft. Het levert meer op om de aanpak van de universiteiten naast elkaar te leggen. Ik kom er snel achter dat de UvT verre van het beste jongetje van de klas is.

Meten biedt kansen

Als je over de aanpak op energiegebied praat dan moet je weten hoeveel energie je waaraan verbruikt. "Grip op cijfers is essentieel", benadrukt milieudeskundige Mark Bergkotte van de Universiteit Utrecht. Bergkotte legt uit hoe je met bemetering en energiescans per gebouw zoals in Utrecht goed concrete maatregelen kunt nemen. Als blijkt dat het grootste verbruik van een gebouw naar de verlichting gaat, kun je dat aanpakken. Ook de universiteit van Maastricht heeft, in tegenstelling tot de UvT, zo'n gebouwbeheersysteem (GBS) dat bijna "real time" kan meten, vertelt milieudeskundige Marc Fischer. Geweldig, real time meten. Dat moet wel stimuleren om te besparen. En inderdaad, Fischer vertelt over het idee van twee studenten om universiteitsbreed displays te plaatsen waarop je het energieverbruik en de besparing ten opzichte van het vorig jaar kunt volgen. Dat zal tot competitie tussen faculteiten leiden. Met dit idee wonnen de studenten de duurzaamheidsprijs. Een prijs die was uitgeschreven op de Dag van de Duurzaamheid 09-09-2009, waar diverse universiteiten, andere dan de UvT, aan deelnamen. Het wordt me duidelijk dat het bemeteringsplan cruciaal is. Dan kun je het energieverbruik per gebouw of faculteit perfect doorbelasten. "De politiek is moeilijk, maar de praktijk is simpel hoor", laat beleidsmedewerker vastgoedadvisering Marcel Kerkhofs van de Technische Universiteit Eindhoven weten. Hij bevestigt dat door meteen een powerpointpresentatie over hun activiteiten en ambities rondom duurzaamheid door te mailen die hij net met zijn collega's heeft besproken. Als je van ieder gebouw weet wat het verbruikt, kun je op een positieve en ludieke manier tot één procent besparing aanzetten, suggereert Kerkhofs, bijvoorbeeld door de besparing aan een goed doel te besteden.

Kloof te overwinnen

Winst valt er ook te behalen op het vlak van de onderlinge bundeling van krachten op een universiteit. "Eigenlijk is het heel raar dat onderwijs en onderzoek enerzijds en bedrijfsvoering anderzijds elkaar op het gebied van duurzaamheid bijna nooit kruisen", zegt coördinator veiligheid en milieu Adri Noort van de Universiteit Leiden. In Leiden is veel van wat er aan duurzaamheid gebeurt bedrijfsvoering. Noort geeft toe dat hij geen idee heeft of er bijvoorbeeld bij rechten, bij milieurecht, iets aan duurzaamheid leeft. Maar in Leiden lijken ze niets te klagen te hebben met een hoogleraar op het gebied van duurzame ontwikkeling als vice-voorzitter van het College van Bestuur. Haar inzet was bepalend om snel over te gaan op 100% groene stroom. In Utrecht blijkt het College van Bestuur wat betreft duurzaamheid juist op onderwijs en onderzoek te focussen. Het bestuur kijkt er vooral naar de maatregelen op het grote niveau, zoals gebouwen en koelinstallaties. "Het is frustrerend dat het kleine strandt", zegt Bergkotte, verwijzend naar een initiatief van studenten om het liftgebruik te ontmoedigen. Het kWh-verbruik en de CO2-uitstoot hadden ze uitgerekend, de campagne was al klaar. Maar Bergkotte ziet kansen: communiceren wat ze in de bedrijfsvoering al doen op het gebied van duurzaamheid, zoals in het bouwen.

Plannen te over

Ik hoopte vernieuwende maatregelen ten gunste van het energieverbruik te horen. Helaas viel dat tegen. Maar Kerkhofs uit Eindhoven wist me te vertellen over raamcontact in nieuwe gebouwen: als je het raam opent dan houdt de koeling ermee op. Ook heeft het bedrijf Peer+ er glas voor ramen ontwikkeld dat naar wens zonnestraling dimt en het ongebruikte licht omzet in elektriciteit. Die vloeit eenvoudig naar het elektriciteitsnet zodat het direct kan worden gebruikt of teruggeleverd aan het net. In Utrecht en Leiden is een werkgroep gestart met studenten, onderzoekers en bedrijfsvoering om maatregelen ter bevordering van duurzaamheid te nemen. Eindhoven en Leiden komen in het najaar met slogans om duurzaamheid onder studenten en medewerkers te promoten. In Utrecht komt er uit de koffieautomaten geen DE-koffie meer maar 'duurzamere' koffie. Ik dacht dat zo'n maatregel op basis van beleid zou zijn. Maar Bergkotte vertelt dat de afdeling inkoop de ontwikkelingen in de markt ziet en zelf daarop inspeelt. Goed nieuws.

Gemiste kans UvT

Van onderlinge concurrentie op het gebied van duurzaamheid is geen sprake. Het gaat ten slotte om het behoud van onze planeet. En dat wil je zo goed mogelijk doen. Adri Noort vertelt dat universiteiten elkaar sinds enkele jaren stimuleren en ontmoeten op het gebied van duurzaamheid. Een paar keer per jaar komen alle milieucoördinatoren samen in een landelijk overleg van de Vereniging van Nederlandse Universiteiten (VSNU) om hun ervaringen te delen en kennis uit te wisselen. Bergkotte vertelt dat het landelijk overleg erg stimulerend is, dat het leuk is om andermans plannen te horen, en dat het een vliegwielfunctie heeft. Hij geeft aan dat er van de UvT al jaren niemand bij het overleg aanwezig is. Pardon, wij ontbreken daar? En als enige! Wellicht omdat de UvT alleen kantoorgebouwen heeft. Maar duurzaamheid is duurzaamheid, ongeacht hoe je organisatie er uit ziet.

Omgedraaide rollen

Aanvankelijk wilde ik het voor mijn artikel bij dit verrassende feit laten. Maar ik besloot toch telefonisch navraag te doen bij de milieucontactpersoon van de UvT, Anita Mosterd. Ik leg haar uit hoe ik er na een belronde achter kwam dat Tilburg bij het landelijk milieuoverleg ontbreekt en vraag haar of dat klopt. Mosterd blijkt pas een aantal maanden de arbo- en milieudeskundige te zijn. De afgelopen maanden heeft ze zich bezig gehouden met het arbogedeelte. De komende tijd gaat ze met milieu aan de slag. Haar voorganger heeft op dat gebied veel laten liggen. Zij wil een grote inhaalslag maken. "Dat landelijk overleg, goh, da's een goeie", zegt ze, "daar weet ik niets van". Onze rollen draaien plotseling om. Ik vraag haar of ze de naam van de betrokkene van de Universiteit Utrecht wil hebben, met wie ik immers gesproken heb. Het telefoonnummer kan ik haar ook graag geven. Ze gaat er meteen achteraan. "Bedankt voor je tip in ieder geval", hoor ik aan de andere kant van de lijn. Graag gedaan.

Dr. Annemarie Hinten-Nooijen, Academic Forum