Pediatrische Psychologie
Binnen de Master Medische Psychologie is het mogelijk om in het tweede studiejaar, middels een klinische stage en masterthesis, het accent te leggen op Pediatrische Psychologie. De Pediatrische Psychologie (ofwel Medische Kinder- en Jeugdpsychologie) is een jong vakgebied waarin de relatie centraal staat tussen psychologisch welbevinden en het fysieke verloop van een kind dat in ontwikkeling is. Binnen de Pediatrische Psychologie komen zowel wetenschappelijk onderzoek als de rol van de pediatrisch psycholoog in de praktijk aan bod.
Psychologen en gedragswetenschappers voeren steeds vaker in samenwerking met kinderartsen wetenschappelijk onderzoek uit op het raakvlak van de Psychologie en de Kindergeneeskunde. Dit gezamenlijk wetenschappelijk onderzoek leidt, naast kennisverbreding en -verdieping, tot een verbetering van de kwaliteit van de multidisciplinaire behandeling van kinderen en adolescenten met een chronische, acute en/of levensbedreigende aandoening. Hierbij staan zowel het minimaliseren van symptomen als het verbeteren van het psychosociale functioneren centraal. Dit onderzoek levert een belangrijke bijdrage aan de zorg voor deze groep kinderen.
In de praktijk houden pediatrisch psychologen zich bezig met ontwikkelingsstoornissen en psychosociale problematiek als gevolg van ziekte en (chronische) aandoeningen. Er wordt specifiek aandacht besteed aan de relatie tussen psychologische en lichamelijke gezondheid en het welzijn van kinderen vanuit een ontwikkelingsperspectief, waarbij ook aandacht is voor het gezin, het gezondheidszorgsysteem, school en leeftijdsgenoten. Aandoeningen waar pediatrsch psychologen in de praktijk mee te maken kunnen krijgen kunnen zijn: hoofdpijn en buikpijnklachten, obesitas en eetproblemen maar ook chronische aandoeningen/ziektes zoals kanker, cystic fibrosis en type I diabetes. Vragen waar pediatrisch psychologen mee te maken krijgen gaan bijvoorbeeld over de invloed van een chronische ziekte op de kwaliteit van leven van kinderen en hoe deze mogelijk te verbeteren; de korte en lange termijngevolgen van een zware behandeling voor kinderen met kanker en hoe deze te minimaliseren; de rol van de familie bij het verbeteren van therapietrouw bij kinderen met diabetes of astma; of over de gevolgen voor de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van te vroeg geborenen en hoe hiermee het beste kan worden omgegaan.
In het eerste studiejaar zul je binnen het vak Pediatrische Psychologie, specifieke kennis opdoen over de relatie tussen psychosociale problematiek en (chronische) ziekten/aandoeningen bij kinderen en jeugdigen. Er komen zowel Pediatrische aandoeningen als Pediatrisch psychologische aandoeningen aan bod, zoals fysiologie en groei, neonatologie, longproblemen, diabetes, cardiovasculaire problemen, oncologie, eetproblemen en zindelijkheid. Ook wordt aandacht besteed aan professionele pediatrisch psychologische kennis. Hierbij wordt onder andere ingegaan op kwaliteit van leven, coping, therapietrouw, gezinsfunctioneren, communicatie en ethiek.
In het tweede studiejaar van de master Medische Psychologie kun je kiezen voor een klinische stage (diagnostiek en behandeling) en een wetenschappelijk onderzoek (in de vorm van een masterthesis) op het gebied van de Pediatrische Psychologie. Pediatrisch psychologen zijn werkzaam binnen ziekenhuizen (bij de afdeling kindergeneeskunde, medische psychologie of psychosociale afdeling) of eerstelijnspraktijken. Maar ook binnen de jeugdgezondheidszorg, revalidatie- of epilepsiecentra en kinder- en jeugdpsychiatrie kun je werkzaam zijn.
De opleiding sluit aan bij de tweejarige postdoctorale opleiding tot GZ-psycholoog en de vierjarige opleiding tot Klinisch Psycholoog.


Nederlands / Dutch