Tilburg University Society

Verbindt de werelden van openbaar bestuur, politiek, bedrijfsleven en wetenschap

Universiteiten kunnen meer doen aan 'Holland branding'

Hoe profileren we Holland in het buitenland, was het thema van de druk bezochte 19e bijeenkomst van de UvT Sociëteit op 1 oktober in de Witte in Den Haag, georganiseerd door de president van de UvT Sociëteit, Sylvester Eijffinger.

Hans de Boer, voorzitter van de VNO-NCW,  Karl Dittrich, voorzitter van de VSNU en Koen Becking, collegevoorzitter van Tilburg University waren sprekers. Eijffinger kreeg voor zijn bijzondere verdiensten tijdens dit eerste lustrum een penning uitgereikt door Becking.

Hoe zit het met onze profilering in het buitenland, moeten wij krachten bundelen, wellicht een deel van onze eigen identiteit als instelling opgeven voor een helder beeld van wat wij als land, economie allemaal te bieden hebben? Deze vraag kwam aan de orde toen een aantal van onze universiteiten aanwezig was bij een bezoek aan China, waarbij het voor het gastland niet duidelijk was wat de universiteiten in gezamenlijkheid vertegenwoordigen. Is de Universitas Neerlandica het antwoord?

Koen Becking zocht het antwoord vooral in samenwerking: ‘Ik geloof in regionale krachtenbundeling om internationaal te kunnen concurreren, gecombineerd met forse investeringen in R&D, die nu achterblijven bij Duitsland en heel ver achterblijven bij Azië. En minder bureaucratie. We hebben veel potentie in de regio. Onze recente initiatieven: Alliantie van Brabant, Graduate School in samenwerking met TU/e en Brainport. Daarbij letten we op een slimme combinatie van technologie en sociale innovaties: smart living, we hebben niets aan robots die mensen verzorgen als mensen zich daardoor eenzaam voelen.’

Becking stelde daarin meer te zien dan in een Universitas Neerlandica. ‘Wel kunnen universiteiten zich onder één label in het buitenland profileren, dat versterkt kracht en bespaart geweldig veel kosten. En dat geldt niet alleen voor universiteiten: we kunnen ook de krachten bundelen bij reizen van politici, bedrijven, ambtenaren en het koninklijk huis. Maar ook gewoon meer samenwerken, stakeholders bijeen brengen en meer kwaliteit opzoeken. Meer kwaliteit moet voorop staan, ook in het onderwijs, en daarin kunnen we leren van de Verenigde Staten.'

'Branden' alleen door duidelijke visie

Karl Dittrich, voorzitter van de VSNU benadrukte de kwaliteit van onze universiteiten, die op 'een hoogvlakte’ staat: er is geen enkel land ter wereld dat al zijn universiteiten in de top 300 heeft staan. 'We zijn in the picture internationaal, door onze sterke wetenschapscultuur hebben we grote aantrekkingskracht op internationale PhD’s; we kweken mensen die tegendraads durven te zijn. We zijn uit onze ivoren toren gekomen en werken nu in een glazen huis: een shopping mall waarin iedereen iets goed kan vinden en waarmee we een bijdrage leveren aan de civil society.'

Dittrich zag een bedreiging onder andere in het streven naar één of twee topuniversiteiten: 'De nadelen voor de andere instellingen zijn dan groot en leidt uiteindelijk tot een verzwakking van de verbinding tussen onderwijs en onderzoek. En in algemene zin: ‘De ontwikkeling naar een risicoloze en foutloze samenleving, waarin we nog weinig nieuws durven te ondernemen.'

Maar voor nu profileren de universiteiten zich in het buitenland sterk met het Nederlands hoger onderwijs: zowel onderzoek als onderwijs is exportproduct geworden. Dittrich: 'Ik ben voorstander van kwalitatieve internationale samenwerking: het gaat niet om het vullen van een archiefkast met overeenkomsten, maar om zinvolle samenwerking. Daarom snap ik heel goed dat instellingen/faculteiten/schools zelf op bezoek gaan. Alleen zij kunnen betekenisvolle stappen zetten. We moeten ons richten op de vraag: wat gaan we brengen, niet alleen, wat gaan we halen. Er is een duidelijke visie nodig op onze wetenschap is. Dus branding, ja, als er een duidelijke gedachte achter zit.'

Chauvinistischer zijn in onze successen

Hans de Boer voorzitter van het VNO/NCW: ‘Het beeld van Nederland in het buitenland is niet eenduidig. Maar branding is hard nodig om effectief te zijn, dat wil zeggen: een combinatie van kracht en acceptatie. We hebben een ijzersterke economie: iedereen herkent ons, zegt te weten wie we zijn. Wat je wilt is het beeld verspreiden van een land dat altijd vitaal is, betrokken, slim, warm en spannend en waar je bij wilt horen. We kunnen veel chauvinistischer zijn: we zouden meer moeten uitdragen bijvoorbeeld dat blue tooth en wi fi Nederlandse uitvindingen zijn!’

'En we moeten handiger zijn in het toevoegen van kennis van nieuwe economische bedrijvigheid aan ons eigen bestaande economische klimaat. Slimme wetenschappers zijn net als goede voetballers die naar het buitenland verdwijnen. Laat ze uitgroeien in óns land en met anderen samenwerken in het buitenland. Wij zijn goed in IT, in Duitsland zijn ze goed in auto’s, laten we kennis van beide bundelen in 1 project. Om een voorbeeld te geven: zo zouden we kunnen laten zien dat we uitblinken in logistiek door als er ergens ter wereld noodhulp nodig is er als eerste te zijn (living lab situatie).

We kunnen uitdragen wat we allemaal doen op het niveau van een middelgroot land, terwijl we heel klein zijn. Dat is basic branding.'

Download

Inleiding Koen Becking