Studenten

Basisbeginselen studiefinanciering

Iedereen met een Nederlandse nationaliteit (of daaraan gelijkgesteld) en jonger dan 30 jaar heeft recht op studiefinanciering voor een erkende voltijds opleiding volgens de formule C+3. Deeltijdstudenten en contractcursisten zijn uitgesloten.
C staat voor de cursusduur van een HBO-bachelor óf een WO-bachelor plus master. Voor de meeste opleidingen aan de UvT is dat dus vier jaar (bachelor 3 jaar = master 1 jaar = 4) + 3 jaar. Voor de onderzoeksmasters is dat vijf plus drie jaar (bachelor 3 jaar = master 2 jaar = 5) + 3), en voor de theologie masters kan dat zelfs zes jaar zijn (bachelor 3 jaar = master 3 jaar = 6) + 3.
Gedurende de 'C' (cursusduur) ontvang je een basisbeurs oftewel voorwaardelijke lening. Gedurende de drie jaar daarna kun je lenen.

In schema:

studieduur
HBO bachelor
studieduur
WO bachelor
studieduur
WO master
studiefinanciering
4 jaar3 jaar1 jaar4 + 3 = 7 jaar
3 jaar2 jaar5 + 3 = 8 jaar
3 jaar3 jaar6 + 3 = 9 jaar

Wanneer je kort vóór je dertigste voor het eerst studiefinanciering aanvraagt, kun je na je dertigste studiefinanciering blijven ontvangen voor dezelfde opleiding, zolang je die ononderbroken voortzet. Na onderbrekeing of verandering van opleiding, vervalt je recht op studiefinanciering.
Gedurende de “C” heb je recht op prestatielening; de drie jaar daarna kun je lenen plus gebruik van de OV-chipkaart.

Diplomatermijn: de studiefinanciering (basisbeurs) die je ontvangt voor de cursusduur, is een voorwaardelijke oftewel prestatielening. Zodra je afstudeert wordt die lening in een gift omgezet en de rente kwijtgescholden. De termijn om af te studeren ligt op 10 jaar, gerekend vanaf je eerste aanvraag studiefinanciering. Studeer je na deze datum af, dan moet je alles terugbetalen. Deze diplomatermijn kan eventueel verlengd worden als je door bijzondere omstandigheden niet op tijd kunt afstuderen.

Na afloop van de basisbeurs kun je nog drie jaar lenen. Die periode is voor iedereen maximaal drie jaar, ongeacht hoe lang de opleiding duurt.

Overigens kun je ook al tijdens de eerste vier jaar extra geld bij lenen (rentedragende lening), maar dat moet je altijd terugbetalen. De aanvullende beurs die je misschien krijgt wanneer je ouders niet kunnen bijdragen, wordt wel weer omgezet in een gift wanneer je afstudeert.

Naar boven


Nieuwe ontwikkelingen

  • Langstudeerders: studiefinanciering heeft niets te maken met de nieuwe wet voor zogenaamde langstudeerders. Wanneer je langer studeert dan 4 jaar voor je bachelor en langer dan twee jaar voor een eenjarige master (langer dan drie jaar voor een tweejarige master), moet je de langstudeerdersopslag betalen. Dit staat los van studiefinanciering.

  • Er is een wetsvoorstel ingediend waarin wordt geregeld dat per september 2012 de prestatiebeurs voor de masterfase wordt afgeschaft. Dat betekent dat een student in het WO nog maar drie jaar prestatielening heeft in plaats van vier jaar.
  • In dat zelfde voorstel wordt het studentenreisrecht (OV-chipkaart) beperkt tot de cursusduur plus één jaar. Dus in totaal 5 jaar voor een bachelor (3 jaar) en master (1 jaar).
  • Eveneens wil de minister per september 2012 de hardheidsclausule voor weigerachtige ouders afschaffen. Dat betekent dat wanneer een ouder de ouderlijke bijdrage niet wil voldoen, de student geen beroep meer kan doen op loskoppeling. Hij kan wel ouderonafhankelijk lenen.

Op de website van DUO Nieuw venster vind je alle informatie over de op handen zijnde wijzigingen en de status van het wetsvoorstel.

Met deze wizard Nieuw venster van DUO kun je uitzoeken wat alle plannen in jouw persoonlijke situatie betekenen.

Naar boven