Regeling inschrijving en collegegeld 2011/2012
Deze regeling bevat een nadere uitwerking van hoofdstuk 7 van de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW), waarin de hoofdregels voor inschrijving en collegegeld worden gegeven, en geldt onverminderd het bepaalde dienaangaande in de wet. De regeling is bedoeld voor voltijd, deeltijd en duale studenten aan Tilburg University alsmede voor extraneï. Voor contractcursisten is een aparte regeling vastgesteld. Zie ook hoofdstuk 2 van het studentenstatuut.
HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN
- Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:- Studiejaar of collegejaar: het jaar waarin de student staat ingeschreven dat loopt van 1 september tot en met 31 augustus daaropvolgend.
- Student: hij of zij die zich inschrijft aan een opleiding teneinde gebruik te kunnen maken van voltijd, deeltijd of duale onderwijsvoorzieningen, examenvoorzieningen en voorzieningen van andere aard ten behoeve van initieel onderwijs aan Tilburg University.
- Extraneus: inschrijvingsstatus welke recht geeft op het afleggen van tentamens van de onderwijseenheden behorend tot de opleiding, alsmede de examens af te leggen van de opleiding, en die tevens recht geeft tot gebruikmaken van bibliotheekfaciliteiten.
- EER: Europese Economische Ruimte als bedoeld in het verdrag betreffende de Europese Economische Ruimte (België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Groot-Brittannië, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, IJsland en Zweden).
- Studiefinanciering: voorwaardelijke lening of basisbeurs, eventueel aanvullende beurs en toeslagen, en/of rentedragende lening conform de Wet Studiefinanciering 2000, 29 juni 2000, Staatsblad 2000, 286 (WSF 2000). Ook een zogenaamde nullening (het niet laten uitbetalen van de lening) behoort tot studiefinanciering.
- Wettelijk tarief: het door de wetgever vastgestelde collegegeldtarief per studiejaar.
- Instellingstarief: het door Tilburg University vastgestelde collegegeldtarief per collegejaar, onderverdeeld in een laag instellingstarief (ter hoogte van het wettelijke tarief) en verhoogde instellingstarieven. De verhoogde instellingstarieven zijn opgenomen in de bijlagen behorend bij deze regeling.
- Beëindigen: het formeel beëindigen van de inschrijving aan Tilburg University waarmee alle rechten en plichten met betrekking tot die opleiding per beëindigingdatum vervallen.
- Joint degree: gezamenlijk diploma van meerdere (buitenlandse) instellingen voor één gezamenlijk programma (art. 7.3c WHW).
- Dual degree (ook double of multiple degree): meerdere diploma's van verschillende (buitenlandse) instellingen voor één gezamenlijk programma.
- OER: het onderwijs- en examenreglement dat voor elke opleiding of groep van opleidingen is vastgesteld en informatie bevat over die opleiding of groep van opleidingen.
- Studiejaar of collegejaar: het jaar waarin de student staat ingeschreven dat loopt van 1 september tot en met 31 augustus daaropvolgend.
- Reikwijdte van deze regeling
Deze regeling heeft betrekking op studenten en extraneï die zijn ingeschreven voor (een) initiële opleiding(en) aan Tilburg University in het collegejaar 2011-2012.
HOOFDSTUK 2 INSCHRIJVING - Inschrijving
3.1 Om als student ingeschreven te worden, moet, behalve het toelaatbaar zijn aan de betreffende opleiding, aan de volgende voorwaarden zijn voldaan:
- het collegegeld dient op de bankrekening van Tilburg University te zijn bijgeschreven;
- of de Studentenadministratie dient een (digitaal) machtigingsformulier tot (gespreide) inning van het collegegeld te hebben ontvangen;
- of de Studentenadministratie dient een verklaring van een andere Nederlandse instelling van hoger onderwijs te hebben ontvangen inzake betaald wettelijk collegegeld ten behoeve van inschrijving aan Tilburg University.
- of de Studentenadministratie dient een (digitaal) machtigingsformulier tot (gespreide) inning van het collegegeld te hebben ontvangen;
- het verzoek tot inschrijving overeenkomstig het hiervoor vastgestelde (digitale) formulier met alle benodigde bijlagen dient door de Studentenadministratie te zijn ontvangen.
- studenten van 18 jaar en ouder die niet de nationaliteit van een van de landen van de EER hebben, moeten aantonen dat zij rechtmatig in Nederland verblijven.
- de eventueel benodigde toestemming van het College van Bestuur, zoals omschreven in art. 4 is verkregen.
3.2 Met uitzondering van de opleidingen die een instroommoment hebben dat ligt ná 1 september, zoals vastgelegd in het OER van de desbetreffende opleiding, geldt de inschrijving vanaf de eerste dag van het studiejaar, indien vóór 1 september aan de voorwaarden van art. 3.1 voldaan is. Latere inschrijvingen vinden plaats per de eerste dag van de maand waarin aan de voorwaarden van art. 3.1 voldaan is.
3.3 De inschrijving voor een opleiding met meerdere startmomenten geldt vanaf de eerste dag van de maand waarin de opleiding van start gaat. Vóór die datum moet voldaan zijn aan de voorwaarden van art. 3.1. Latere inschrijvingen vinden plaats per de eerste van de maand waarin aan de voorwaarden van art. 3.1 voldaan is.
3.4 Inschrijving als extraneus geldt per de eerste van de maand waarin het verzoek tot inschrijving overeenkomstig het hiervoor vastgestelde (digitale) formulier, is ontvangen door de Studentenadministratie, en nadat het verschuldigde examengeld op de (post)bankrekening van Tilburg University is bijgeschreven. Inschrijving als extraneus voor een masteropleiding is niet mogelijk.
- het collegegeld dient op de bankrekening van Tilburg University te zijn bijgeschreven;
- Late inschrijving
4.1 Een student die zich voor een bepaalde bachelor- of masteropleiding aan Tilburg University wil inschrijven op een later tijdstip dan de officiële start van die opleiding, moet daarvoor toestemming krijgen van het College van Bestuur. Een schriftelijk verzoek met opgave van redenen moet hiertoe worden ingediend bij de studentenadministratie.4.2 Alleen in bijzondere gevallen, ter beoordeling van het College van Bestuur, kan op uitdrukkelijk verzoek van de student een latere inschrijving met terugwerkende kracht tot de start van het collegejaar of de te volgen opleiding plaatsvinden. Het schriftelijk verzoek met opgave van redenen en de nodige bewijsstukken moet bij de studentenadministratie worden ingediend.
- Bewijs van inschrijving
Na afronding van de inschrijving ontvangt de student, per opleiding waarvoor hij of zij is ingeschreven, een Bewijs van inschrijving. - Weigering van inschrijving
Het College van Bestuur kan weigeren iemand in te schrijven. Het college van Bestuur zal de inschrijving in ieder geval weigeren:
- indien de betrokkene door zijn gedragingen of uitlatingen blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor de uitoefening van een of meer beroepen waartoe de opleiding waarvoor hij inschrijving verzoekt opleidt, dan wel voor de praktische voorbereiding op de beroepsuitoefening, na advies van de examencommissie, de decaan of een met de decaan vergelijkbaar orgaan binnen de instelling en na zorgvuldige afweging van belangen, of
- indien de betrokkene nog een achterstallige betaling van collegegeld heeft bij Tilburg University. In dit geval zal niet tot inschrijving worden overgegaan alvorens de achterstallige betaling is voldaan en het collegegeld voor het komende collegejaar ineens is voldaan.
HOOFDSTUK 3 TARIEVEN COLLEGEGELD GELDEND VOOR EER-STUDENTEN
- indien de betrokkene door zijn gedragingen of uitlatingen blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor de uitoefening van een of meer beroepen waartoe de opleiding waarvoor hij inschrijving verzoekt opleidt, dan wel voor de praktische voorbereiding op de beroepsuitoefening, na advies van de examencommissie, de decaan of een met de decaan vergelijkbaar orgaan binnen de instelling en na zorgvuldige afweging van belangen, of
- Status student
De status van de student, bedoeld in art. 7.2.1 in samenhang met art. 7.3 van deze regeling, op de eerste dag van het desbetreffende collegejaar is bepalend voor de vraag of de student bij aanvang van de opleiding valt onder het wettelijke tarief of het instellingstarief. Statuswijzigingen na deze peildatum leiden tot een aanpassing van de inschrijving en het tarief met ingang van de maand volgend op de statuswijziging. Indien blijkt dat de inschrijving van een student onjuist is gezien zijn status, zal de inschrijving worden gecorrigeerd met terugwerkende kracht conform artikel 10 van deze regeling. - Wettellijk collegegeld
- Hoofdregel
Een student die voltijds, deeltijds of duaal ingeschreven wil worden betaalt het wettelijk collegegeld van € 1.713 indien aan de volgende vereisten is voldaan:- 1. indien men inschrijft voor een bacheloropleiding en niet eerder een bachelor-, master- of doctoraaldiploma behaald heeft*, of
2. indien men voor een masteropleiding inschrijft en niet eerder een mastergraad of doctoraal diploma heeft behaald*, tenzij de opleiding waarvoor men inschrijft de eerste opleiding binnen de CROHO-labels Onderwijs of Gezondheid is, én
- wanneer men behoort tot een van de groepen van personen, bedoeld in artikel 2.2. van de Wet Studiefinanciering 2000 (hieronder vallen in ieder geval studenten die de nationaliteit bezitten van een van de lidstaten van de EER, Zwitserland, of, onder voorwaarden, Turkije** of wanneer hij de Surinaamse nationaliteit bezit, én
- wanneer men vanaf het begin van het collegejaar (1 september) woonachtig is in Nederland, België, Luxemburg of een van de deelstaten Noord-Rijnland-Westfalen, Nedersaksen of Bremen van de Bondsrepubliek Duitsland.
* bachelor-, master- en doctoraaldiploma's behaald vóór 1991 tellen niet mee
** Studenten met de Turkse nationaliteit vallen, op basis van het Associatiebesluit 1/80, onder bepaalde voorwaarden onder het wettelijke tarief. Slechts kinderen van (voormalige) werknemers (in loondienst) die in een lidstaat wonen waar zij werken of gewerkt hebben, worden ingeschreven tegen het wettelijke tarief. (Kinderen van Turkse onderdanen die in Nederland economisch actief zijn maar niet in Nederland wonen en kinderen van Turkse zelfstandigen, maken derhalve geen aanspraak op inschrijving tegen het wettelijke tarief.) Indien een student valt onder deze voorwaarden en derhalve aanspraak maakt op inschrijving tegen het wettelijk tarief, op basis van dit artikel, dient hij dit te melden bij de Studentenadministratie onder overlegging van bewijsstukken.
- Afwijking op hoofdregel i.v.m. enkele deeltijdopleidingen
In afwijking van artikel 7.2.1 bedraagt het wettelijk collegegeld € 1150,-voor inschrijving aan de volgende deeltijdopleidingen: bacheloropleiding Religie in Samenleving en Cultuur (code 50406), masteropleiding Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de 1e graad in Religie in Samenleving en Cultuur (code 60403), bacheloropleiding Theologie (code 56109), masteropleiding Theologie (code 60257), masteropleiding Theologie & Religiewetenschappen (code 60824). - Afwijking op hoofdregel i.v.m. langstudeerders
- Elke student die het wettelijk tarief verschuldigd is en die zich voor het vijfde jaar inschrijft aan een bacheloropleiding van 180 ECTS, staat geregistreerd als langstudeerder en is het wettelijke tarief verschuldigd vermeerderd met een bedrag van € 0,-.
- Elke student die het wettelijk tarief verschuldigd is en die zich voor het derde jaar inschrijft aan een eenjarige masteropleiding van 60 ECTS, staat geregistreerd als langstudeerder en is het wettelijke tarief verschuldigd vermeerderd met een bedrag van € 0,-.
- Elke student die het wettelijk tarief verschuldigd is en die zich voor het vierde jaar inschrijft aan een tweejarige masteropleiding of researchmasteropleiding van 120 ECTS, staat geregistreerd als langstudeerder en is het wettelijke tarief verschuldigd vermeerderd met een bedrag van € 0,-.
- Elke student die het wettelijk tarief verschuldigd is en die zich voor het vijfde jaar inschrijft aan een driejarigejarige masteropleiding van 180 ECTS, staat geregistreerd als langstudeerder en is het wettelijke tarief verschuldigd vermeerderd met een bedrag van € 0,-.
- De hoogte van het bedrag zoals genoemd in de vorige leden kan opnieuw worden vastgesteld op grond van wettelijke bepalingen die van kracht worden na inwerkingtreding van deze regeling.
- Elke student die het wettelijk tarief verschuldigd is en die zich voor het vijfde jaar inschrijft aan een bacheloropleiding van 180 ECTS, staat geregistreerd als langstudeerder en is het wettelijke tarief verschuldigd vermeerderd met een bedrag van € 0,-.
- 1. indien men inschrijft voor een bacheloropleiding en niet eerder een bachelor-, master- of doctoraaldiploma behaald heeft*, of
- Hoofdregel
- Instellingscollegegeld EER-studenten
Eenieder die niet voldoet aan de vereisten genoemd in art. 7.2.1. is het instellingscollegegeld verschuldigd. - Hoogte instellingscollegegeld EER-studenten
- Het instellingscollegegeld dat EER-studenten verschuldigd zijn is voor het collegejaar 2011-2012 voor alle opleidingen vastgesteld op een bedrag van € 1.713,--.
- In afwijking van artikel 7.4.1 bedraagt het instellingscollegegeld € 1150,- voor inschrijving aan de volgende deeltijdopleidingen: bacheloropleiding Religie in Samenleving en Cultuur (code 50406), masteropleiding Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de 1e graad in Religie in Samenleving en Cultuur (code 60403), bacheloropleiding Theologie (code 56109), masteropleiding Theologie (code 60257), masteropleiding Theologie & Religiewetenschappen (code 60824).
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een deficiëntieprogramma (premaster), na een HBO-opleiding te hebben afgerond, en die geen mastergraad bezitten, wordt het instellingscollegegeld voor het collegejaar 2011-2012 vastgesteld op een bedrag van € 1.713.
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een bacheloropleiding (180 ECTS) zal het instellingscollegegeld worden vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2014-2015. Vanaf collegejaar 2015-2016 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
- Voor EER-studentendiezich inschrijven voor een eenjarige masteropleiding (60 ECTS) zal het instellingscollegegeld worden vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2012-2013. Vanaf collegejaar 2013-2014 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een tweejarige masteropleiding (120 ECTS) zal het instellingscollegegeld worden vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2013-2014. Vanaf collegejaar 2014-2015 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een driejarige masteropleiding (180 ECTS) zal het instellingscollegegeld worden vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2014-2015. Vanaf collegejaar 2015-2016 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een researchmasters (120 ECTS) zal het instellingscollegegeld worden vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2013-2014. Vanaf collegejaar 2014-2015 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
- Voor EER-studenten die zich inschrijven voor een deficiëntieprogramma (premaster), en die reeds in het bezit zijn van een mastergraad, wordt het instellingscollegegeld vastgesteld ter hoogte van het geïndexeerde wettelijke collegegeld tot en met collegejaar 2013-2014. Vanaf collegejaar 2014-2015 wordt het verhoogde instellingscollegegeld, zoals dat ook geldt voor niet-EER-studenten, in rekening gebracht, waarvan de hoogte per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven per opleiding zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
. Deze tarieven worden elk collegejaar opnieuw vastgesteld. Vanaf die datum kan de faculteit op basis van kwaliteitscriteria waivers verstrekken zoals zij die kunnen verstrekken aan niet-EER-studenten op basis van art. 9.
HOOFDSTUK 4 TARIEVEN COLLEGEGELD GELDEND VOOR NIET-EER-STUDENTEN- Status student
- Verhoogd instellingscollegegeld
- Niet-EER-studenten zijn het verhoogde instellingstarief verschuldigd, dat per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
.
- Cliënten van de Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF die een andere nationaliteit bezitten dan genoemd in art. 7.2.1 onder b worden wat betreft de instellingscollegegeldtarieven gelijkgesteld aan studenten met een nationaliteit als genoemd in art. 7.2.1 onder b.
- Een student die zich voor een joint degree of dual degree opleiding aan een buitenlandse instelling inschrijft, en aan Tilburg University niet het wettelijk collegegeld verschuldigd is, betaalt een instellingstarief dat wordt vastgesteld door het College van Bestuur, op basis van afspraken met de deelnemende instelling(en).
- Niet-EER-studenten zijn het verhoogde instellingstarief verschuldigd, dat per opleiding is vastgesteld. De juiste tarieven zijn opgenomen in de lijst op www.uvt.nl/collegegeld
- Waiver niet-EER-studenten
- Bij inschrijving voor een bachelor- of (research)masteropleiding tegen het verhoogde instellingstarief (resp. € 6.546,- en € 10.644,-) kunnen faculteiten op grond van kwaliteitscriteria opgenomen in hun eigen facultaire regeling aan studenten een partial tuition waiver geven in de vorm van een reductie op het collegegeldtarief. De reductie bedraagt maximaal ¤ 3.948,- voor een bacheloropleiding en € 4.098,- of (maximaal) € 8.046,- voor een masteropleiding. Het verzoek om tegen gereduceerd tarief te worden ingeschreven moet schriftelijk worden ingediend bij de faculteit. Op het verzoek wordt binnen zes weken beslist.
- De waiver die wordt afgegeven op basis van bilaterale afspraken met een buitenlandse instelling bedraagt maximaal€ 3.948,- voor een bacheloropleiding en maximaal € 8.046,- voor een masteropleiding.
- Elke niet-EER student met een Tilburg University Scholarship krijgt reductie op het te betalen collegegeld voor een masteropleiding tot het lage instellingstarief, waardoor per saldo € 2.598,- collegegeld is verschuldigd.
HOOFDSTUK 5 CORRECTIE INSCHRIJVING EN REDUCTIE COLLEGEGELD - Bij inschrijving voor een bachelor- of (research)masteropleiding tegen het verhoogde instellingstarief (resp. € 6.546,- en € 10.644,-) kunnen faculteiten op grond van kwaliteitscriteria opgenomen in hun eigen facultaire regeling aan studenten een partial tuition waiver geven in de vorm van een reductie op het collegegeldtarief. De reductie bedraagt maximaal ¤ 3.948,- voor een bacheloropleiding en € 4.098,- of (maximaal) € 8.046,- voor een masteropleiding. Het verzoek om tegen gereduceerd tarief te worden ingeschreven moet schriftelijk worden ingediend bij de faculteit. Op het verzoek wordt binnen zes weken beslist.
- Correctie inschrijving
Wanneer een student is ingeschreven tegen het wettelijke collegegeld respectievelijk het instellingscollegegeld op basis van onvolledige of onjuiste informatie over het opleidingsverleden, nationaliteit of woonland van de student, wordt de (status van de) inschrijving met terugwerkende kracht gecorrigeerd zodra de juiste gegevens bekend zijn. - Reductie wettelijk collegegeld
Bij inschrijving na 1 september wordt het wettelijke collegegeld met een twaalfde deel verminderd voor iedere reeds verstreken maand. - Reductie instellingscollegegeld
- Bij inschrijving na 1 september wordt het gehele instellingstarief volledig in rekening gebracht.
- Bij latere inschrijving als gevolg van ziekte of bijzondere omstandigheden, dit ter beoordeling door het College van Bestuur, kan het instellingstarief met een twaalfde deel verminderd worden voor iedere reeds verstreken maand. Het verzoek om tegen gereduceerd tarief later in het collegejaar te worden ingeschreven moet schriftelijk worden ingediend op een hiervoor vastgesteld formulier, dat verkrijgbaar is en weer moet worden ingeleverd bij de studentendecaan (afspraak maken bij de Student Desk). Bij het verzoek moeten sch verzoek moeten schriftelijke bewijsstukken gevoegd worden. Op het verzoek wordt uiterlijk binnen zes weken beslist door het College van Bestuur.
- Een student die inschrijft voor een (master)opleiding waarvan de startdatum ligt na 1 september, betaalt voor elke resterende maand van het collegejaar, gerekend vanaf de eerste dag van de maand waarin de opleiding van start gaat, een twaalfde deel van het instellingscollegegeld.
HOOFDSTUK 6 TARIEF EXTRANEUS COLLEGEJAAR 2011-2012 - Bij inschrijving na 1 september wordt het gehele instellingstarief volledig in rekening gebracht.
- Tarief extraneus
Eenieder (zowel degenen met een EER-nationaliteit als niet-EER-nationaliteit) die als extraneus ingeschreven wil worden, betaalt examengeld. Het examengeld bedraagt € 1.713,-.
HOOFDSTUK 7 GELIJKTIJDIGE INSCHRIJVING VAN EER-STUDENT VOOR MEER OPLEIDINGEN - Gelijktijdige inschrijving
- Bij gelijktijdige inschrijving voor meerdere opleidingen aan Tilburg University of een andere Nederlandse instelling voor hoger onderwijs, tegen het wettelijke collegegeld, betaalt de student slechts éénmaal het hoogste wettelijk tarief, eventueel vermeerderd met maximaal eenmaal de langstudeerdersopslag zoals omschreven in art. 7.2.3.
- Bij gelijktijdige inschrijving aan meerdere opleidingen waarvoor de EER-student wettelijk tarief en instellingstarief verschuldigd is, betaalt de student eenmaal het hoogste wettelijke tarief.
- De EER-student betaalt bij gelijktijdige inschrijving aan meerdere opleidingen waarvoor hij het instellingscollegegeld verschuldigd is, eenmaal het instellingscollegegeld tot en met de collegejaren genoemd in artikel 7.4. Na het verstrijken van de laatste datum van de opleiding(en) die hij of zij volgt waarvoor het verhoogde instellingstarief zal gelden, zoals bepaald in artikel 7.4, betaalt deze student per opleiding het instellingstarief.
- Als een student aan een andere Nederlandse instelling van hoger onderwijs is ingeschreven tegen het wettelijk tarief wordt hij bij inschrijving aan Tilburg University voor het volgen van bijvakken vrijgesteld van het betalen van collegegeld, als hij ook aan Tilburg University in aanmerking komt voor het wettelijk tarief. Bij de inschrijving aan Tilburg University dient de student een verklaring over te leggen van de examencommissie van de opleiding waarvoor hij voor de andere Nederlandse instelling is ingeschreven. In deze verklaring moeten de vakken die hij aan Tilburg University als bijvak wil doen worden vermeld. Deze verklaring is niet vereist voor convenantstudenten.
- De extraneus betaalt per opleiding het tarief voor extraneï.
HOOFDSTUK 7 GELIJKTIJDIGE INSCHRIJVING VAN NIET-EER-STUDENT VOOR MEER OPLEIDINGEN
- Bij gelijktijdige inschrijving voor meerdere opleidingen aan Tilburg University of een andere Nederlandse instelling voor hoger onderwijs, tegen het wettelijke collegegeld, betaalt de student slechts éénmaal het hoogste wettelijk tarief, eventueel vermeerderd met maximaal eenmaal de langstudeerdersopslag zoals omschreven in art. 7.2.3.
- Bij gelijktijdige inschrijving voor een of meerdere opleidingen aan Tilburg University of een andere Nederlandse instelling voor hoger onderwijs tegen instellingstarief betaalt de student per opleiding het instellingscollegegeld.
- In afwijking van artikel 15.1 betaalt de niet-EER-student die zijn bachelordiploma nog niet heeft behaald, maar wel toestemming heeft om met een masteropleiding te beginnen, slechts éénmaal het hoogst verschuldigde instellingstarief, wanneer hij zich per 1 september inschrijft voor een masteropleiding en tegelijkertijd voor de bacheloropleiding waarvoor hij in het voorafgaande collegejaar ook was ingeschreven, teneinde in datzelfde collegejaar zijn bachelordiploma te behalen. Voor inschrijving aan andere bachelor- en/of masteropleiding(en), betaalt hij per opleiding het hoogste verschuldigde instellingstarief.
HOOFDSTUK 9 BETALEN VAN COLLEGEGELD- Bij gelijktijdige inschrijving voor een of meerdere opleidingen aan Tilburg University of een andere Nederlandse instelling voor hoger onderwijs tegen instellingstarief betaalt de student per opleiding het instellingscollegegeld.
- Betalen collegegeld
- Het collegegeld wordt door of namens de student voldaan door betaling ineens, dan wel door betaling in (zes) termijnen.
- Bij betaling van het collegegeld ineens worden geen administratiekosten in rekening gebracht.
- Bij gespreide betaling in zes termijnen wordt € 24,- administratiekosten in rekening gebracht, en dient de student indien mogelijk een machtiging tot automatische incasso af te geven. Tot 1 maart 2012 kan de machtiging tot gespreide betaling gebruikt worden voor de nog resterende termijnen voor dat collegejaar. De reeds verstreken termijnen zullen ineens worden geïncasseerd. Na deze datum kan het collegegeld voor collegejaar 2011-2012 nog slechts ineens worden voldaan.
Op de website van de studentenadministratie staan de bedragen en afschrijvingsdata
vermeld.
- Het collegegeld wordt door of namens de student voldaan door betaling ineens, dan wel door betaling in (zes) termijnen.
- Gevolgen niet betalen collegegeld
- Indien voor de betaling van het collegegeld een machtiging is gegeven en een termijnbedrag niet kan worden geïnd, wordt bij aanmaning een termijn gesteld waarbinnen het verschuldigde termijnbedrag moet zijn voldaan. Als de student het termijnbedrag niet voldoet voor het verstrijken van de aanmaningstermijn wordt door het hoofd van de studentenadministratie de inschrijving geannuleerd, dan wel beëindigd met ingang van de tweede maand volgend op de aanmaning.
- Een betaling wordt toegerekend aan de langst openstaande vordering.
- Eventuele incassokosten zijn voor rekening van de student.
- Indien er achterstallige termijnen zijn, kan de student zich niet opnieuw inschrijven voordat het achterstallige collegegeld is betaald én kan in het eerstvolgende collegejaar het collegegeld niet in termijnen worden betaald (zieook art. 6 onder b).
- De leden a tot en met d zijn van overeenkomstige toepassing wanneer stornering plaatsvindt van reeds per machtiging geïncasseerdebetalingenvanwege terugdraaien van de incasso door de student of betalingsinstantie.
- De student en de Dienst UitvoeringOnderwijs (DUO) worden door de studentenadministratie geïnformeerd over de beëindigingvan de inschrijving.
HOOFDSTUK 10 BEËINDIGING INSCHRIJVING EN RESTITUTIE COLLEGEGELD
- Indien voor de betaling van het collegegeld een machtiging is gegeven en een termijnbedrag niet kan worden geïnd, wordt bij aanmaning een termijn gesteld waarbinnen het verschuldigde termijnbedrag moet zijn voldaan. Als de student het termijnbedrag niet voldoet voor het verstrijken van de aanmaningstermijn wordt door het hoofd van de studentenadministratie de inschrijving geannuleerd, dan wel beëindigd met ingang van de tweede maand volgend op de aanmaning.
- Na een schriftelijk verzoek van de student wordt de inschrijving aan de opleiding door het College van Bestuur beëindigd met ingang van de maand volgend op die waarin het verzoek door de Studentenadministratie is ontvangen.
- Wanneer de student zelf geen verzoek tot beëindiging van de inschrijving aan een opleiding indient, blijft de student ingeschreven tot enmet 31 augustus en is hij voor het hele collegejaar collegegeld verschuldigd, tenzij artikel 17.1 van toepassing is.
- De inschrijving kan door het College van Bestuur worden beëindigd op grond van artikel 7.42 derde lid WHW.
- De student wiens inschrijving op grond van het eerste lid wordt beëindigd heeft aanspraak op terugbetaling van een twaalfde gedeelte van het door hem betaalde collegegeld voor elke maand dat het collegejaar na beëindiging van zijn inschrijving duurt. Indien het collegegeld in termijnen wordt voldaan vindt verrekening plaats met nog openstaande termijnen. Bij beëindiging van de inschrijving met ingang van juli of augustus heeft de student geen aanspraak op restitutie van collegegeld voor de resterende maanden.
- Indien een student in de loop van het collegejaar overlijdt, wordt voor elke daaropvolgende maand van het collegejaar na diens overlijden, een twaalfde deel van het betaalde collegegeld gerestitueerd.
HOOFDSTUK 11 SLOTBEPALINGEN- Na een schriftelijk verzoek van de student wordt de inschrijving aan de opleiding door het College van Bestuur beëindigd met ingang van de maand volgend op die waarin het verzoek door de Studentenadministratie is ontvangen.
- Hardheidsclausule
Waar de toepassing van deze regeling tot onbillijkheden van overwegende aard leidt, kan het College van Bestuur van deze Regeling afwijken. Een beroep op de hardheidsclausule moet door de student worden ingediend bij de studentendecaan (afspraak maken via de Student Desk). Bij het verzoek moeten schriftelijke bewijsstukken gevoegd worden. Op het verzoek wordt uiterlijk binnen zes weken beslist door het College van Best uur. Alvorens het College van Bestuur een beslissing neemt, wordt de indiener in de gelegenheid gesteld te worden gehoord en de examencommissie en/of de studentendecaan om advies gevraagd. - Schadevergoeding
Degene die zonder ingeschreven te zijn aan Tilburg University gebruik maakt van onderwijs- en/of examenvoorzieningen van Tilburg University, is een schadevergoeding verschuldigd van maximaal het hoogste instellingstarief. Om alsnog te worden ingeschreven moet hij voldoen aan de voorwaarden gesteld onder art. 2 van deze regeling. - Bezwaar- en beroepsmogelijkheid
Tegen beslissingen op grond van deze regeling kan binnen zes weken na ontvangst van de beslissing een bezwaarschrift worden ingediend bij het Centraal Loket voor Geschillen en Klachten van Tilburg University. Binnen zes weken na bekendmaking van de uitspraak op het bezwaarschrift kan beroep worden ingesteld bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs
, Postbus 636, 2501 CN Den Haag.


