Studie en studentenleven

Inrichting werkplek en RSI / KANS

Werken met beeldschermen kan tot diverse gezondheidsklachten leiden, zoals oogklachten, hoofdpijn, pijn aan nek en schouders, armen of handen. Op deze pagina kan je lezen hoe je dergelijke klachten kunt voorkomen door de werkplek optimaal in te richten.

1. Wat is RSI of CANS?

RSI (Repetitive Strain Injury) is de naam voor klachten die ontstaan als u langdurig in dezelfde houding werkt of repeterende bewegingen maakt. De klachten komen voor in de nek, schouders, armen, polsen en handen. De klachten kunnen zich uiten als pijn, vermoeidheid, irritatie van spieren en pezen, tintelingen, een doof gevoel of krachtverlies. Iedereen die regelmatig aan een beeldscherm werkt kan RSI krijgen.

Tegenwoordig spreekt men niet meer van RSI maar van CANS. Dit staat voor Klachten aan Armen, Nek en/of Schouders welke niet zijn ontstaan door een acuut trauma of waaraan geen systematische ziekte ten grondslag ligt.

2. Hoe ontstaat RSI / CANS?

Iedereen heeft wel eens een stijve nek of schouders, pijnlijke polsen of vermoeide ogen na een tijd werken achter de computer. Vaak gaan klachten vanzelf weer over. In sommige gevallen niet.

Beeldschermwerk is licht statische arbeid. Dat betekent dat de spieren bij dit soort werk voortdurend licht aangespannen zijn. Gebleken is dat de doorbloeding van de spieren daarbij tot 80% kan afnemen. Hierdoor kunnen afvalstoffen zich ophopen die vervolgens de weefsels prikkelen. Dit veroorzaakt pijn, waardoor de spieren nog sterker aangespannen worden.

Door het voortdurend prikkelen van de weefsels treden er beschadigingen in het bindweefsel op. Omdat de vervangingstijd van het bindweefsel 6 tot 9 maanden duurt laat ook herstel lang op zich wachten.

Stress kan een belangrijke rol spelen bij het ontstaan en verergeren van de klachten omdat we bij stress onbewust de statische spanning in de spieren van de nek, schouders en armen verhogen.

3. Drie fasen

Bij RSI onderscheidt men doorgaans drie fasen:

  • In fase I zijn de klachten veelal vaag en kunnen nog goed worden behandeld. De klachten treden op tijdens of vlak na het werk. De pijn zit op een bepaalde plek; er is nog geen uitstraling. Na een avond of weekend rust zijn de klachten verdwenen.
  • Fase II kenmerkt zich door heftiger pijn, die niet meer alleen optreedt bij het werk, maar ook wanneer u andere bewegingen maakt. Je vermijdt sommige bewegingen en de klachten verdwijnen niet meer na een avond of weekend rust.
  • Fase III: Je hebt aanhoudende pijn die niet meer verdwijnt. Werken is niet meer mogelijk Je hebt niet meer veel kracht in je handen of armen.

4. Zo voorkom je RSI / CANS

  • Zorg voor een goede uitgangspositie in je werkhouding en wissel ook regelmatig van houding
  • Neem regelmatig een pauze
  • Wissel beeldschermwerk af met ander werk
  • Rust na elk uur beeldschermwerk 10 minuten
  • Werk niet langer dan 5 à 6 uur per dag aan een beeldscherm. Voor laptopgebruikers is de norm 2 uur per dag, tenzij een laptopstandaard wordt gebruikt in combinatie met een los toetsenbord en muis.
  • Neem klachten serieus. Beginnende klachten (pijn, tintelingen, stijf of doof gevoel) kunnen snel ernstig worden!

5. Bureau en stoel

  • De rugleuning van de stoel moeten instelbaar zijn.
  • De stoel moet veilig en stabiel zijn en voorzien van draaiwieltjes.
  • De armleggers moeten instelbaar zijn.
  • Breng de stoel op de hoogte die bij je past. Ga voor de stoel staan en zorg dat de zitting ter hoogte van de onderkant van je knieschijf komt, bovenbeen horizontaal wanneer je zit.
  • Er moet nog een vuistruimte over zijn tussen zitting en knieholte.
  • Ga zover mogelijk achterin je stoel zitten en breng de lendensteun op gelijke hoogte met de holling in je rug, zodat deze steun geeft in de lendenstreek.
  • Zorg ervoor dat de armleggers de ellebogen licht ondersteunen, wanneer de boven en onderarm een hoek van 90° maken. In deze positie blijven de schouders ontspannen.
  • Wanneer de werktafel in hoogte verstelbaar is, moet je het werkblad op gelijke hoogte instellen als je armleggers. Vaak is het werkblad niet in hoogte verstelbaar. In dat geval moet de hoogte van de zitting veranderd worden. Let op de combinatie van werkbladhoogte en stoelhoogte. Soms is een voetenbankje noodzakelijk om de ideale combinatie te bereiken.
  • Het werkblad moet minimaal 120 cm breed en 80 cm diep zijn. Het blad moet een mat en lichtgekleurd oppervlak hebben.
  • Daarnaast is voldoende ruimte voor de benen en voeten vereist (geen ladeblok, systeemkasten en prullenbak onder het bureau).

Inrichting werkplek

6. Beeldscherm, toetsenbord en muis

  • Ga altijd recht voor het beeldscherm en toetsenbord zitten.
  • Ga niet te dicht bij het beeldscherm zitten. De ogen worden minder belast bij de volgende afstand: 17 inch schermen: afstand tussen 60-70 cm, 19 en 21 inch schermen: afstand tussen 60-80 cm.
  • Plaats het beeldscherm zodanig dat er geen licht van bovenaf invalt. Dit is te controleren door het beeldscherm even uit te zetten.
  • Plaats het beeldscherm dwars ten opzichte van het raam. Hierdoor wordt de kans op reflectie verminderd en te grote contrastverschillen voorkomen. Dit voorkomt vermoeide ogen.
  • Plaats het scherm op ooghoogte (d.w.z. dat de bovenste letterregel van het scherm zich op ooghoogte dient te bevinden).
  • Stel helderheid en contrast opnieuw in, wanneer de verlichting in de werkkamer verandert.
  • Plaats het beeldscherm bij voorkeur 2 à 3 meter vanaf de gevel.
  • Stel de computer zó in dat er met donkere letters op een lichte ondergrond wordt gewerkt en met een frequentie van tenminste 70 hertz. Dit voorkomt hoofdpijn en vermoeidheid van de ogen.
  • Het toetsenbord mag tijdens het typen niet verschuiven.
  • Er moet voldoende ruimte voor het toetsenbord zijn (± 7 cm) om bij rust momenten de mogelijkheid te hebben de polsen op het werkblad te laten rusten.
  • Houdt handen in het verlengde van de onderarmen, met de ellebogen steunend op de armleggers van de stoel.
  • Laat onderarmen op de tafel rusten.
  • Plaats het toetsenbord in de laagste stand (pootjes inklappen, mits hij een lichte helling al heeft).
  • Bedien de muis vanuit de onderarm, niet vanuit je pols en vermijd hierbij zijwaartse handbewegingen. Zorg dat de muissnelheid niet te hoog is en geef de muis de ruimte.
  • Gebruik, wanneer dat kan, functie- of sneltoetsen in plaats van de muis. Stel de cursorsnelheid van de muis langzaam in.
  • Maak gebruik van pauzesoftware (bijvoorbeeld de beeldschermtachograaf).
  • Op de website van de universiteit vindt je informatie hoe de tachograaf ingesteld kan worden. Tevens is daar informatie te vinden over de muisinstelling en het gebruik van functietoetsen in plaats van de muis.
  • Ontspan de spieren regelmatig. In het pauzesoftware programma zijn een aantal ontspanningsoefeningen opgenomen. Aardig voor tussendoor of na een waarschuwing op de tachograaf. Neem de signalen van het pauzeprogramma serieus.

7. Hulpmiddelen: documenthouder en beeldschermbril

  • Met een documenthouder worden ogen en nek ontzien. De documenthouder is geschikt als je vaak teksten moet overtypen (bij voorkeur één die tussen het beeldscherm en het toetsenbord te plaatsen is).

  • Een beeldschermbril is geschikt voor mensen die vanwege de leeftijd een leesbril nodig hebben, maar hier bij het beeldschermwerk onvoldoende baat bij hebben. Wanneer je oog- en hoofdpijnklachten hebt en meer dan 2 uur beeldschermwerk per dag verricht, kan dit wellicht wijzen op de noodzaak van een beeldschermbril. Op Tilburg University geldt hiervoor een procedure beeldschermbril. Ga naar.

8. Notebook

Voor veelvuldig gebruik van een laptop gelden in principe dezelfde regels als voor een PC. Er zijn nadelen aan het werken met een laptop. Het is moeilijker een optimale werkhouding aan te nemen door de vormgeving van het apparaat. Het gebruik van laptop zonder de juiste hulpmiddelen mag maximaal 2 uur per dag. Wordt er meer dan 2 uur met een laptop gewerkt dan dien je gebruik te maken van de juiste hulpmiddelen.
Laptopgebruikers kunnen een laptopstandaard gebruiken, in combinatie met een los toetsenbord en muis. Door het losse toetsenbord en de losse muis ontstaat een meer ontspannen werkhouding.
Werkhouding juist Werkhouding fout











9. Verder nog

Heb je nog vragen over de inrichting van uw beeldschermwerkplek?

  • Vraag dan je Arbo en Milieu Kontakt Persoon (AMK-er) om informatie.
  • Neem contact op met Anita Mosterd, Arbo- en Milieudeskundige.
  • Zie verder ook telewerken.

Heb je RSI-symptomen?

Neem dan contact op met uw huisarts. Medewerkers kunnen tevens contact opnemen met de bedrijfsarts.