-

Dossier Veiligheid

Te weinig aandacht voor slachtoffers in aanpak mensenhandel

Slachtoffers van mensenhandel in Nederland zouden eerst een hulpverleningstraject in moeten, voordat ze worden ondervraagd door de politie. Dat zal ertoe bijdragen dat er meer daders worden opgespoord, omdat veel slachtoffers die informatie nu niet durven te geven. Dat concluderen onderzoekers van INTERVICT, het instituut voor victimologie van Tilburg University, in een rapport over de behoeften van slachtoffers van mensenhandel in Nederland.


De huidige aanpak van mensenhandel in Nederland spoort niet met het verwerkingsproces van slachtoffers die net zijn ontsnapt aan hun uitbuiters, aldus het rapport ‘Mensenhandel: het slachtofferperspectief’, dat is gefinancierd door het Fonds Slachtofferhulp. Onderwerpen die pas later aan de orde zouden moeten komen, zoals medewerking aan een proces tegen de daders of illegaal verblijf in Nederland, worden nu onmiddellijk en op een verplichtende manier aan de orde gesteld door politie en justitie. Maar veel slachtoffers van mensenhandel wantrouwen politie en justitie juist, zijn getraumatiseerd of worden bedreigd met represailles, wat hen belemmert hun (hele) verhaal vertellen.

De vaststelling of iemand slachtoffer is, zou dan ook niet door de politie moeten gebeuren, maar door teams van deskundige hulpverleners, tolken en rechercheurs die in eerste instantie gericht zijn op crisisopvang en hulpverlening, aldus de onderzoekers. Wanneer medewerking met de politie berust op een in vrijheid gemaakte keuze, zullen slachtoffers naar verwachting meer informatie geven.

Meer slachtoffers uit EU en Nederland

De precieze omvang van het fenomeen mensenhandel in Nederland is onduidelijk en dient beter te worden onderzocht, stelt het rapport. Maar wel is duidelijk dat er steeds meer verschillende soorten uitbuiting en slachtoffers zijn, terwijl de aanpak van mensenhandel nog vooral gericht is op slachtoffers van seksuele uitbuiting zonder geldige verblijfstitel.

Ongeveer een kwart van de geregistreerde slachtoffers is de laatste jaren onderhevig aan arbeidsuitbuiting en de groep slachtoffers zonder verblijfstitel neemt af, vooral door de uitbreiding van de Europese Unie. Daarnaast is er een grote groep Nederlandse slachtoffers van uitbuiting. De hulpverlening zou beter afgestemd moeten worden op deze diversiteit, zodat er minder slachtoffers tussen wal en schip vallen. Volgens de Nederlandse slachtoffers wordt er te gemakkelijk vanuit gegaan dat zij terug kunnen vallen op mantelzorg en dat de reguliere opvangplekken toereikend zijn.



Zie voor het rapport de website van INTERVICT.

Referentie: Conny Rijken, Jan van Dijk en Fanny Klerx-van Mierlo (2013), Mensenhandel: het slachtofferperspectief. Een verkennende studie naar behoeften en belangen van slachtoffers mensenhandel in Nederland. INTERVICT, Tilburg University.