-

Dossier Veiligheid

Aparte strafbaarstelling huwelijksdwang niet nodig, vervolging wel

Gedwongen huwelijken kunnen worden aangepakt met het bestaande instrumentarium in het Nederlandse en internationale strafrecht. Dat concludeert Iris Haenen in het proefschrift waarop ze op 24 juni promoveerde aan Tilburg University. Los van mogelijke symboolwerking is nieuwe wetgeving volgens Haenen niet noodzakelijk. Maar het fenomeen huwelijksdwang dient dan ook wel te worden aangepakt.



Gedwongen huwelijken vinden overal ter wereld plaats, zowel in tijden van oorlog als in tijden van vrede. Een recent voorbeeld is de rebellengroep Boko Haram, die enkele maanden geleden enkele honderden Nigeriaanse meisjes ontvoerde. Er komen steeds meer berichten naar buiten waaruit blijkt dat sommige van die meisjes zijn gedwongen om te trouwen met de rebellen. In conflicten gebeurt dat vaak als strategie om grote groepen vrouwen en meisjes tot slaaf te maken. Minister Lilianne Ploumen voor Ontwikkelingssamenwerking zegde vorige week steun toe voor het Child Protection Program van UNICEF in Ghana, dat gericht is op het tegengaan van kindhuwelijken en kindermisbruik.

Slavernij

Iris Haenen onderzocht of nationale en internationale wetgeving voldoende toegerust zijn om gedwongen huwelijken te vervolgen. Ze concludeert dat op beide niveaus voldoende middelen bestaan. In het internationale strafrecht levert huwelijksdwang op zichzelf beschouwd geen misdaad tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaad of vorm van genocide op, maar eventuele  (seksuele) slavernij die er het gevolg van is wel. Wanneer het Internationaal Strafhof zich richt op seksuele slavernij, heeft het volgens Haenen voldoende middelen om gedwongen huwelijken aan te pakken. De misdrijven gepleegd door Boko Haram zijn inmiddels voorgelegd aan de Aanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag.  

Civiel recht

Hoewel gedwongen huwelijken die plaatsvinden in Nederland ook kunnen resulteren in vormen van slavernij, komt dat minder vaak voor. Desalniettemin levert huwelijksdwang volgens de wet een ernstige mensenrechtenschending op. Het creëren van een specifiek delict dat betrekking heeft op gedwongen huwelijken, zoals in het Engeland, België en Duitsland is gebeurd, zou een symbolische meerwaarde kunnen hebben, maar is niet nodig. Het strafrechtelijke instrumentarium in Nederland is volgens Haenen voldoende uitgerust om huwelijksdwang te kunnen vervolgen. Bovendien biedt ook het civiele recht in Nederland goede middelen die kunnen worden ingezet bij huwelijksdwang.

Taboe

Dat vervolging desondanks relatief weinig voorkomt, heeft meestal te maken met het feit dat slachtoffers geen aangifte willen of durven doen vanwege de mogelijke gevolgen. Pas wanneer dat taboe wordt doorbroken, kan huwelijksdwang daadwerkelijk strafrechtelijk worden aangepakt.

Noot voor de pers: Iris Haenen verdedigde haar proefschrift op dinsdag 24 juni aan Tilburg University. Titel proefschrift: Force & Marriage. The criminalisation of forced marriage in Dutch, English and international criminal law (Uitgeverij Intersentia). Promotor: prof. dr. T. Kooijmans, co-promotor: dr. mr. A.L.M. de Brouwer. Meer informatie: persvoorlichters@tilburguniversity.edu of tel. 013 - 466 2993.