Nieuws en agenda

Interview: ‘Robots hebben een communicatieprobleem’

Prof. dr. Emiel Krahmer weet hoe het is gesteld met de kennis en communicatievaardigheden van de huidige robots en wat zij nog moeten bijleren. Zijn expertise: het omzetten van informatie in taal. En nee, hij weet zeker dat robots dat voorlopig niet van de mens zullen winnen.

Foto: Gerdien Wolthaus Paauw

Foto: Gerdien Wolthaus Paauw

Interview met hoogleraar Computation, Communication and Cognition Emiel Krahmer door Tineke Bennema 

Wat is de focus van je robotonderzoek?

"Allereerst moeten we stellen dat er verschillende soorten robots zijn, industriële, maar ook sociale. Met deze laatste hebben mensen interacties en ontstaat er communicatie. We kunnen met hen een echte relatie opbouwen. Zo zie je bijvoorbeeld dat als robots ergens naar kijken, mensen hun blik volgen.

Nu is het zo dat robots nog niet goed met ons communiceren. Ze kunnen weliswaar sommige van onze vragen beantwoorden, maar vallen vaak in herhaling. En ze gaan ons daardoor vervelen. Ook non-verbaal communiceren ze verre van perfect. Voor een langdurige relatie zijn ze daarom nog niet interessant genoeg. Dat moeten we aanzienlijk verbeteren.

Mijn onderzoek behelst de vraag hoe robots kunnen leren communiceren als mensen. In de praktijk betekent dat: hoe je informatie kunt omzetten in taal. Bijvoorbeeld hoe een robot een sportverslag kan schrijven of hoe robots ingezet kunnen worden in de gezondheidszorg.

Mensen vragen mij vaak hoe lang het duurt voordat robots perfect kunnen communiceren. Ik ga daar geen voorspellingen over doen; technieken ontwikkelen zich heel anders dan je je kunt voorstellen. Vijftien jaar geleden had ik niet kunnen bedenken dat er nu sociale robots zouden kunnen worden ontwikkeld, laat staan robots die gemaakt zijn voor liefde. Aan de andere kant zijn automatische gesprekstechnieken in de basis nog hetzelfde als jaren geleden."

Waar komt je passie en interesse voor robots vandaan?

"Ik heb aan deze universiteit een opleiding Taal en Kunstmatige Intelligentie gevolgd, hoe computers communiceren via taal. Dat is eigenlijk een interessant model van hoe de mens functioneert: je leert veel over hoe menselijke communicatie werkt. Het is lastig om menselijke communicatie in algoritmes te vangen. Maar ook fascinerend. Je moet dan vragen gaan stellen over hoe de mens zelf communiceert."

Wat is de impact van je onderzoek?

"Europa en NWO zijn zeer geïnteresseerd in robotica en er is ruimte voor opgenomen in het Europese Horizon 2020 programma, ook voor ons onderzoek. Wij doen research op het gebied van robotjournalistiek, onder meer voor de Persgroep en Sanoma Media. Bijvoorbeeld over hoe bots betere artikelen kunnen schrijven, want dat gebeurt al. Daarbij richten we ons op de vraag hoe artikelen beter kunnen worden afgestemd op specifieke doelgroepen en individuele lezers. Die samenwerking vindt ook plaats met hbo Journalistiek trouwens.

Verder werken we aan toepassingen in de gezondheidszorg, uiteraard ook in de communicatie en dan hoe gezondheidsinformatie persoonlijker en beter gecommuniceerd kan worden. Hoe artsen bijvoorbeeld verschillende behandelopties aan een patiënt kunnen overbrengen. Nog een tak van ons onderzoek is op het gebied van onderwijs, met name tweede talen voor kinderen. We ontwikkelden binnen het L2TOR (‘el tutor’) project een kleine, vriendelijke sociale robot die kinderen al spelend onderwijs geeft en wellicht daar ook vaker ingezet kan worden.

Waar we tegenaan lopen in de ontwikkeling van communicerende robots is creativiteit in de communicatie. Basiswerk kan een robot gemakkelijk leren, maar hij valt nog snel in herhaling. Je kunt veel competenties van een robot verfijnen bijvoorbeeld op het gebied van taal, die ontwikkelen zich voortdurend. Je kunt een bot bij wijze van spreken een roman laten schrijven, maar dan volgt hij nog wel een vast stramien en dan kom je uit bij een boek zoals uit de Bouquet reeks. Maar echt innovatief en creatief denken, daartoe is hij nog niet in staat. Ik denk dan ook dat de verwachtingen voor sociale robots op dat vlak te hoog gespannen zijn."

Dus geen robot zal ooit professor Emiel Krahmer kunnen vervangen?

“Zeer zeker niet! Robots zijn nog niet zo snel van hun communicatieproblemen af, daar ben ik van overtuigd.”