News and events Tilburg University

De Bundesliga & corona: het thuisvoordeel helemaal weg in voetbal

Gepubliceerd: 28 juni 2020 Laatst bijgewerkt: 10 september 2020

De Duitse Bundesliga was, na een onderbreking van ruim twee maanden, de eerste Europese voetbalcompetitie die op 16 mei, na versoepeling van de coronamaatregelen, weer opstartte, zonder live toeschouwers. De hoogleraren John Einmahl en Jan Magnus, experts in statistische methoden, analyseerden de data en kwamen tot een opvallende conclusie: het thuisvoordeel verdwijnt! Het is nu duidelijk dat toeschouwers een immense rol spelen.

Thuisvoordeel, fysiek en psychologisch

In een sportwedstrijd wordt het als een voordeel beschouwd om “thuis” te spelen. Voor individuele sporten is dat voordeel nog niet zo duidelijk. Als Kiki Bertens in Nederland tennist of als Joost Luiten in Nederland golft dan presteren zij niet noodzakelijkerwijs beter dan anders (hoewel Luiten in 2013 en 2016 de KLM Open won). Maar voor teamsporten is het thuisvoordeel evident. In de hoogste divisies van het Europese voetbal is het verschil gemiddeld ongeveer een half doelpunt per wedstrijd, dus dat is aanzienlijk.

De vraag is niet zozeer of dit thuisvoordeel in voetbal bestaat, want dat is ook zonder ingewikkelde statistiek wel duidelijk. De vraag is: waarom eigenlijk? We kijken hier naar professionele spelers, gewend om te presteren onder druk, met veel ervaring op andere velden. Dus waarom zo’n groot voordeel?

Hierop zijn twee antwoorden: fysiek en psychologisch. Het fysieke voordeel is dat de spelers niet hoeven te reizen (en in het buitenland vaak ook overnachten), dat hun kleedkamer bekend is en luxer (jazeker!) dan die van de bezoekers, en dat ze goed bekend zijn met hun eigen veld, niet alleen het soort gras maar ook kenmerken zoals een bord of een lichtmast die net in het verlengde van de goal staat en waar je op kan richten.

De scheidsrechter

Natuurlijk speelt ook de scheidsrechter een rol en die rol is ruim bestudeerd. Als er één doelpunt verschil is in het voordeel van de bezoekende club dan telt de scheidsrechter relatief veel extra tijd bij, maar als er één doelpunt verschil is in het voordeel van de thuisclub, dan niet. Ook blijkt dat bezoekers vaker een gele kaart krijgen dan thuisspelers.

Het publiek

Het grootste psychologische voordeel is het publiek.  Maar de rol van het publiek is het lastigste te meten. Idealiter (vanuit het perspectief van de onderzoeker) zou je wedstrijden moeten hebben zonder publiek en die dan vergelijken met wedstrijden met publiek. In het algemeen is zo’n experiment niet uitvoerbaar, maar de huidige coronapandemie maakt dit opeens mogelijk. Wat leren we hiervan?

voetbal corona stadion

De Bundesliga

De Duitse Bundesliga was de eerste Europese competitie die weer opstartte na de coronacrisis. De laatste wedstrijd vóór de crisis werd gespeeld op 11 maart (ronde 25) en na ruim twee maanden is de competitie op 16 mei hervat, zonder publiek. De competitie eindigde op zaterdag 27 juni. Er zijn dus 25 rondes gespeeld met publiek en 9 rondes zonder publiek.

In de Bundesliga spelen 18 teams, dus elk team speelt 34 wedstrijden en de hele competitie bestaat uit 306 wedstrijden. In het vorige seizoen (2018-2019) maakte de thuisploeg 123 doelpunten meer dan de uitploeg: een voordeel van gemiddeld 0,40 doelpunt per wedstrijd. In het huidige seizoen maakte de thuisploeg in de eerste 25 rondes (224 wedstrijden) 54 doelpunten meer dan de uitploeg (gemiddeld 0,24 doelpunt voordeel) maar in de laatste 9 rondes (82 wedstrijden) 20 doelpunten minder[1] Dat is een nadelig saldo van gemiddeld 0,24 doelpunt.

Twee toetsen

Dat lijkt een groot verschil, maar is het ook statistisch ’significant’, dat wil zeggen: hebben we voldoende data om hier conclusies aan te verbinden? Dat kunnen we formeel toetsen middels de 'tweesteekproeventoets'. Voor de eerste steekproef nemen we de 306 + 224 wedstrijden van het seizoen 2018-2019 en het huidige seizoen vóór de crisis; voor de tweede steekproef de 82 wedstrijden ná de crisis. De twee gemiddeldes zijn respectievelijk 0,33 en -0,24  en de standaarddeviatie is ongeveer 2,2. Dit geeft een waarde van de toetsingsgrootheid van meer dan 2 en dat is significant. Het thuisvoordeel is dus inderdaad afgenomen.

Onmiddellijk rijst dan een tweede vraag: is er überhaupt nog thuisvoordeel? Zo niet, dan was blijkbaar alleen het publiek verantwoordelijk voor dit voordeel. Ook dat kunnen we toetsen, dit keer middels de ‘éénsteekproeftoets’ die we toepassen op de doelpuntensaldi van de 82 wedstrijden ná de crisis. Omdat de bezoekers meer scoren is de toetsingsgrootheid negatief en vinden we geen significant resultaat. Dat wil zeggen dat we geen thuisvoordeel meer kunnen aantonen.

Conclusie

Het publiek speelt dus inderdaad een grote rol. De duurbetaalde voetbalprofs blijken minder professioneel en koelbloedig dan mag worden verwacht. Ze laten zich erg beïnvloeden door het publiek, dat daardoor een grote invloed heeft op de uitslag van een voetbalwedstrijd.

Einmahl

Contact

John H.J. Einmahl (foto), hoogleraar Statistiek, Tilburg University, Tel: +31 13 5711969, E-mail: j.h.j.einmahl@tilburguniversity.edu


Jan R. Magnus,  hoogleraar Econometrics, VU Amsterdam, emeritus Tilburg University, Tel: +31 6 2096 0160, E-mail: jan@janmagnus.nl

[1] Er zijn vóór de crisis 224 en niet 225 wedstrijden gespeeld. De wedstrijd SV Werder Bremen-Eintracht Frankfurt uit ronde 24 is op 3 juni ingehaald.