Alumni - Adopteer een stoel

Caecilia van Peski: Wees een vuurtoren

Verhaal 4 min. Tineke Bennema

Dat alumna Caecilia Johanna van Peski de Oekraïne-oorlog nauwgezet volgt, heeft niet alleen te maken met haar huidige werk voor het Nederlandse Ministerie van Defensie op het thema Europese Veiligheids- en Samenwerkingsverbanden. Eerder was ze als waarnemer voor de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) werkzaam in Oekraïne ten tijde van de inname van de Krim en het uitbreken van het gewapende conflict in de Donbass. En ze heeft Russische roots: haar familienaam vindt zijn oorsprong in het Russische stadje Pyski. Voor haar werk bezocht ze nog veel meer landen in conflictgebieden, onder andere Afghanistan, Tajikistan, Dagestan, Uzbekistan, Zuid-Korea, en landen op de Balkan, het Midden-Oosten en in de Kaukasus. Ze werkte ook voor de EU, VN, NAVO. Wat drijft haar, wat zijn haar waarden? Wat is haar verhaal en hoe ervaart zij de huidige oorlog in Oekraine?

Ceacilia van Peski

Tussen 2014-2016 was Caecilia gestationeerd in Donetsk. “Als waarnemers vanuit de OVSE waren we ter plekke de ogen en oren voor de internationale gemeenschap. Elke dag trokken we in konvooi naar die plaatsen waar gedurende de nacht de mensen waren gedood door bombardementen. We sliepen onder het gebulder van de kanonnen, soms zelfs in de badkamer omdat daar geen ramen waren. Tapijtbombardementen vonden toen ook al plaats. Wat in Oekraïne nu anders is, is dat er nu sancties zijn ingesteld en dat er veel meer aandacht is voor wat er gebeurt omdat de oorlog ons ook bedreigt. En verder: de Minsk Akkoorden voor wapenstilstand werden maar weinig nageleefd door de betrokken partijen. Dat doet vrezen voor de naleving van toekomstige akkoorden.”

We moeten waken voor demonisering

“Met deze oorlog spelen sentimenten uit de Koude Oorlog, waarvan werd gedacht dat ze misschien vergeten waren, weer op. We zien dat morele grenzen worden overschreden en partijen duivels gedrag laten zien. De tegenstanders worden daarbij soms afgeschilderd als ‘on-mensen’. Tijdens de oorlog in Kosovo, waar ik ook nu nog werk, zeiden de Kosovo-Serven over de Kosovo-Albanezen dat ze in de avond in wilde wolven veranderden, met roodgloeiende ogen die oplichtten in de nacht. Op hun beurt beweerden de Kosovo–Albanezen dat de Serven hun kinderen in potten kookten en opaten. Wat ik wil benadrukken is dat we moeten waken voor die demonisering, die in potentie leidt tot escalatie en grotere rampen jegens de mensheid. Van huis uit heb ik veel Russische cultuur, taal en geschiedenis meegekregen, dat is enorm waardevol. Het helpt om je in te kunnen leven in wat de ander beweegt. Hopelijk helpen de Russische en Oekraïense ontheemden, die nu onze kant op zijn gekomen, ons om hun opvattingen beter te begrijpen.”

De oorlog in Oekraïne raakt Caecilia ook persoonlijk. ”Het doet pijn om te zien hoe Oekraïners die het de laatste jaren gelukt is een beter leven voor zichzelf op te bouwen, nu alles weer verliezen. Ja, ik ben me bewust van de positie die ik had; als ik voor het patrouilleren daar ’s ochtends een lekker gebakken eitje nam voor het ontbijt, met mijn scherfvest weliswaar al klaar naast mij op de grond, maar toch een stuk beter beschermd dan de lokale bevolking. Ik krijg nu beelden toegestuurd van oud-collega’s en contacten in Oekraïne, die schrijven: ‘Dit is wat er over is van onze kerk, ons kantoor, ons ziekenhuis, onze winkel en onze school. Dit is wat er over is van mijn huis’. Die pijn die de slachtoffers van het geweld nu wordt aangedaan gaat niet zomaar meer weg, hoe veerkrachtig de betrokken bevolking ook is, en zal zeker nog door opvolgende generaties gevoeld worden.”

“Met het uitbreken van de oorlog lijd ik onder het gevoel dat mijn eigen jarenlange inzet voor vrede in een klap kapot is gemaakt. Met elkaar werkten we op het scherpst van de snede, maar ons werk vanuit de VN, OVSE, EU, NAVO etc. bracht vaak goede resultaten voort. Nu is al het opgebouwde weggevaagd, dertig jaar inzet voor vrede, veiligheid en solidariteit, tenminste, zo voelt dat momenteel. En ja, dat heeft ook effect op mijn eigen gevoel van vertrouwen. Hoe gaan wij ons als mensheid hier doorheen slaan?”

Ik ben niet bang

“Ik wil in contact staan met de wereld, me inzetten voor anderen. Daarbij ben ik niet bang. Ik kende als kind al weinig angst, niet voor examens, niet om voor een groot publiek te staan, niet voor reizen naar onbekende plaatsen. Ik kan daarmee ook een leidende rol op me nemen, voel de kracht in mij om dat te doen. Om je rug recht te houden, boven je eigen belang uit te stijgen, om de klappen op te vangen die je gaat krijgen als je je hoofd boven het maaiveld uitsteekt. Waar ik mijn eigen veerkracht vandaan haal? Ik ben weliswaar een denker, maar ook een fysiek aangelegd persoon. Aarde, water, lucht en vuur, ik ben er gevoelig voor en geniet van geuren, kleuren, smaken. In mij zit een diertje dat van al die verschillende texturen geniet. Het leven is er om geleefd te worden! Als je in dat soort onrustige gebieden zit, dan leef je ook intenser, voelt iedere dag als brand new. Ik geloof niet dat ik een thrill-seaker ben, in de meer hedonistische zin van het woord. Voor mij geen bucket list en ik loop ook niet warm voor motorrijden. Anderzijds zit er wel iets verslavends in, om je zintuigen op scherp te mogen hebben, je hersens hard te laten werken. Het geeft mij in mijn leven ook een gevoel van zinvolheid.”

“Ik kom uit een remonstrants predikantengezin, waarin ik veel van waarde heb meegekregen. Liefde, intellectuele bagage, inzicht in het leven en de kwetsbaarheid van mensen in de gemeenschap waar wij deel van uit maakten en daarbuiten. Ik heb veel ontvangen zonder er moeite voor te hebben hoeven doen: fijne ouders, een goed stel hersens, gezondheid, mooie dingen om mij heen en al vanaf jongs af aan een blik over de grenzen. Als je dan de mogelijkheid hebt om anderen te helpen om dat wat jij hebt ook te krijgen, dan ben je dat volgens mij verplicht. Mensen die zonder daar zelf invloed op te hebben gehad, minder bevoorrecht zijn, zijn in veel gevallen vooral bezig met overleven. Als je veiligheid is gegarandeerd, als je die luxe hebt, dan kun je je als mens veel beter ontplooien.”

Caecilia van Peski

Jonge mensen waar ik zelf veel van leer

In april opende Caecilia de Tilburg University Career Week en deelde haar verhaal met huidige studenten.

Bekijk haar gastcollege

 

”De contacten met jongeren, die ik ‘mijn studenten’ noem, ongeacht of ik ze nu ook feitelijk les heb gegeven, zijn waardevol. Door de jaren heen kwamen contacten tot stand via allerlei internationale wegen. Sommige van die jongeren met wie ik werk kennen elkaar, anderen weer niet, maar ze vormen samen een prachtige toevoeging aan mijn leven. Het is geen liefdadigheid of zo, want het gaat steeds om jonge mensen waar ik zelf veel van leer, met wie ik inspirerende momenten beleef en bij wie ik eenzelfde soort vuur herken als ik in mijzelf ervaar. Ik ben de aanvoerder, ze lopen met me mee, ze laten me niet meer los en nemen gaandeweg het stokje over. Onzichtbare draadjes verbinden ons aan elkaar, zoals dat bij de gehele mensheid is.”

”Ik geloof in het beschermen van wat kwetsbaar is. Alles van waarde is kwetsbaar. Mensenrechten, het leven van mens en dier, het leven op onze planeet. Hogere inkomens dienen zwaarder belast te worden, mensen moeten kunnen leren en studeren, er dient veel aandacht te zijn voor onderlinge gelijkwaardigheid en de bescherming van onze aarde en habitat. Daarvoor is het wat mij betreft noodzakelijk om op een meer actieve wijze te werken aan een geleidelijke afname van de wereldbevolking als middel voor een betere kwaliteit van leven in ieders bestaan. In de basis vind ik dat ieder mens zich zou moeten kunnen ontplooien tot aan het volste van diens capaciteiten. Liberale waarden zo ver het kan, respect voor elkaar en voor menselijke grenzen waar nodig. Dat moet de basis van de samenleving zijn. Mensen zouden wat mij betreft ook verplicht moeten worden om actief bij te dragen aan de samenleving, ook middels arbeidsparticipatie.”

Begrijpen om samen verder te komen

 

“Dat idee van het belang van individuele rechten binnen de plichten van de gemeenschap herkende ik ook aan mijn alma mater, Tilburg University, met motto Understanding Society. Ik ben lid van alumninetwerk de Vrienden van Cobbenhagen. Martinus Cobbenhagen was de oprichter van de universiteit en rooms-katholiek priester, die vond dat wetenschap resultaten op diende te leveren waar de maatschappij profijt van heeft en waar mensenlevens beter van worden. Dat idee past bij mij. Understanding Society is begrijpen om samen verder te komen. Dat is een boodschap waar een zeer sterke solidariteit en compassie uit voort komt.”

“Naast de voordelen die ik heb genoten, heb ik natuurlijk ook momenten van pijn en van verdriet in mijn leven meegemaakt. Moeilijk te verteren verdriet bij afscheid, onthechting, ziekte en dood. Als je zelf pijn hebt ervaren, dan voel je de pijn van de ander vaak sterker. Alle mensen mogen worden gezien, in hun lijden en in hun leven: onaanraakbaren in de straten van Dhaka, Bangladesh, verstoten Hiv-positieve vrouwen in het rurale Uganda, levenslang veroordeelden in massale gevangenissen in de VS. Ook zij zijn creaturen, levende wezens.”

“Heb inlevingsvermogen en compassie, begrijp wat pijn is. Zie de ander en zie ook het dier: het besef hoe het dier is en hoe het lijdt in de vee-industrie. Draag uit in je beslissingen dat wat je doet uit dient te pakken ten faveure van anderen. Stel een sociale dienstplicht ‘light’, in, waardoor jongeren buiten de grens van het eigen huishouden ervaring op mogen doen samen met generatiegenoten. Wees een voorbeeld voor anderen en ben niet bang! Wees een vuurtoren! Mensen hebben voorbeelden nodig, maar advies is altijd kwaliteit plus acceptatie, dus denk goed na over hoe je met anderen over waarden overlegd. Er is geen weg naar vrede, vrede is de weg. Zet je in voor een betere aarde!”

Grote dilemma’s in tijden die vragen om diepgaande transities

”We moeten deze brute oorlog stoppen. Werken aan een staakt het vuren, nu meteen! En ik hoop dat we weer kunnen beginnen met de wederopbouw, al lijkt dat moment nu nog ver weg. De vraag is hoe solidair we dan ook weer met Oekraïne kunnen zijn? In Duitsland zetten ze de thermostaat lager en noemen dat ‘Vriezen voor Vrede’. En verder is er een gigantische klimaatcrisis op de achtergrond. Het zijn grote dilemma’s in tijden die vragen om diepgaande transities. Laten we met elkaar de durf hebben om uit oude patronen te ontsnappen en naar een nieuwe toekomst te kijken, een waarin mens en dier het beter zullen hebben dan hoe wij het hebben gehad. Met klimaatzekerheid, een universeel basisinkomen, welbevinden vanuit een meer sobere maar ook veel meer waardevolle basis en gelijkheid.”