LUCE

Luce / Centrum voor Religieuze Communicatie

Het verzorgen van postinitieel onderwijs en theologische vorming voor pastores en andere beroepskrachten die in hun werk in aanraking komen met vragen over geloof, zingeving en ethiek.

Luce / Centrum voor Religieuze Communicatie heeft tot taak het verzorgen van postinitieel onderwijs en theologische vorming ten dienste van pastores en andere beroepskrachten die in hun werk in aanraking komen met vragen over geloof, zingeving en ethiek. Daarnaast ontwikkelt het lezingen, studiedagen, congressen en cursussen voor andere geïnteresseerden in theologie, kerk en samenleving.

De bijeenkomsten van Luce dit voorjaar worden geannuleerd. Deelnemers ontvangen een mail met nadere gegevens en nieuwe data of een alternatief.

Boekenkast

Welke boeken zou u kunnen lezen? Dankzij de intelligente lockdown heeft u wellicht tijd & aanleiding.
Docenten van de Tilburg School of Catholic Theology doen enkele suggesties voor zin- en betekenisvolle boeken. 

(Zie de recensies onder aan deze pagina).

Boekenkast met boekentips

Het lijkt misschien wat vreemd om een literair werk van een gepassioneerd atheïstische schrijver op te nemen in dit overzicht van theologische leestips. Toch is het een aanrader voor deze tijd. In de huidige omstandigheden moeten we het goeddeels uithouden met onszelf en proberen deze onbekende werkelijkheid op een zinnige manier te duiden. 

De hoofdpersoon van dit boek, de jonge Briony Tallis, probeert op haar eigen manier ook de gebeurtenissen in haar leven te snappen. Ze is bezig haar toneelstuk De beproeving van Arabella uitgevoerd te krijgen op een lome zomerdag. En eigenlijk ziet ze haar hele bestaan als een toneelstuk, ze kan namelijk maar moeilijk bevatten dat andere mensen net zulke levenden, denkende en voelende wezens als zijzelf zijn: ‘Hoewel het niet strookte met haar gevoel voor orde, dacht ze dat het buitengewoon waarschijnlijk was dat iedereen gedachten had zoals de hare. Ze wist dit, maar alleen op een vrij abstracte manier; ze voelde het niet echt’. 

De neiging om de werkelijkheid als een toneelstuk te zien, waarin anderen figureren, zal uiteindelijk verstrekkende gevolgen voor haar leven en dat van de mensen om haar heen hebben. McEwan geeft in dit boek een voortreffelijk voorbeeld van scherpzinnig waarnemen van de beslissende kracht van wat onuitgesproken blijft.

Ian McEwan, Boetekleed. De Harmonie, Amsterdam, 2002. ISBN 9789061697480


Misschien is het de komende tijd niet haalbaar om als Nederlander met goed fatsoen naar Italië af te reizen. Dan zijn er altijd nog boeken om vanuit je leesstoel mee te reizen. Zoals het werk van Hélène Nolthenius (1920-2000). Je moet wel wat ouder zijn om haar te kennen, van boeken over het Gregoriaans of Franciscus van Assisi bijvoorbeeld. Over Italië is er ook Duecento en, wat ik nu uitkoos, Als de wolf de wolf vreet… Een mooie titel voor een boek over een spannende reis door Italië, in de voetsporen van de rondelen dichtende bedelmonnik en speurneus Lapo Mosca. Het is de tijd van Ghibelijnen en de Guelfen, Florence voert oorlog met Milaan, huursoldaten trekken plunderend rond. Voor zover er wat te plunderen valt na de pest – ‘De Pest klom over de wallen, / de Dood gleed langs gleuven en nissen, / het Leven liep leeg door de dood’, aldus een fragment uit een van de rondelen die het boek een muzikaal ritme geven. 

Het avontuur van het boek ontvouwt zich omdat Lapo Mosca zijn overste niet gehoorzaamd en niet zonder omwegen zijn reis maakt. Het brengt de lezer een verhaal vol avonturen, met aandoenlijke en treurige levensverhalen, ontmoetingen met karaktervolle mensen en de verbeelding van een mooi landschap. Zonder het plot te verklappen: alles wordt opgelost, het loopt goed af. 

Het zou allemaal echt kunnen zijn want de historische gebeurtenissen die het decor van het verhaal vormen, zijn ontleend aan serieuze geschiedkundige boeken. Je leert er dus ook van, zoals oude Florentijnse spreekwoorden en gezegden zoals ‘Waar de wolf de wolf vreet, daar liggen de landen braak’.

Helene Nolthenius, Als de wolf de wolf vreet…Lapo Misca tussen de roofdieren. Em. Querido’s Uitgeverij, Amsterdam, 1980. ISBN 9021477157


We leven in een tijd van social distancing. Na (prettig onschuldige) hypes als slow food en slow reading, wordt nu ons leven afgeremd – al dient dat wel genuanceerd te worden: thuiswerken en vooral natuurlijk werken in de zorg of andere vitale sectoren is verre van langzaam en kalm. Maar toch. De afgedwongen verlangzaming geeft tijd om langzamer om je heen te kijken. Op sociale media zie ik althans veel kiekjes van verrassend mooie bloemen, tuinen of zonopgangen die dat illustreren. Mensen kunnen zich heel druk maken maar ook – gelukkig – verwonderen velen zich. 
Vanuit een grondhouding van ‘langzaam’ kijken schreef Ton Lemaire zijn beschouwing over de tederheid. Al in 1968. Lemaire (*1941) is cultureel antropoloog en cultuurfilosoof. Tederheid heeft alles van doen met onze menselijke lichamelijkheid – precies wat nu op afstand gezet is. Het gaat om zachtmoedigheid en ontvankelijkheid. Precies eigenschappen die ineen tijd van (al dan niet vermeende) dreigingen en onzekerheden kunnen helpen tégen bange harten en te grote monden.
Eén van de passages die me bijzonder trof was die over de fragiliteit van het leven. Me dunkt. ‘Maar’, aldus Lemaire ‘het leven is niet alleen fragiliteit, tot zichzelf komend in een ongelukkig bewustzijn. Het is tevens vitaliteit, die tot zichzelf komt in geestdrift: beweging van levensbevestiging (…). De nietsontziendheid van het enthousiasme, waarin het leven zijn vitaliteit viert, heeft geen waardering voor de zachtmoedigheid van het mededogen, dat het levende ontziet. Maar de zachtmoedigheid (…) is zonder verweer tegen de daden van de begeestering.’ (pagina 113). Het deed me denken aan de noodzaak van een intelligente exit-strategie en vooral een nog intelligentere manier waarop u en ik uit de lock-down stappen. Het pleidooi voor de tederheid vond ik in dat verband inspirerend.
Op Twitter trof ik nog een waarschuwing van journalist Stijn Fens: ‘Je moet de mensheid niet overschatten.’ Wie weet bewijzen we – minstens deels dan toch – zijn ongelijk.

Ton Lemaire, De tederheid. Gedachten over de liefde. Ambo, Baarn, 1968. 

ISBN 9026304323


De bijdragen in de bundel Plato en de sofisten zullen ver voor de corona-crisis uitgedacht en geschreven zijn, de ondertitel is juist in deze tijd extra actueel: Een spiegel voor onze tijd. Op de achterflap staat het gewoon: ‘We leven in tijden van onzekerheid. Er zijn populistische politici die de waarheid verdraaien (…). Daarnaast is lang niet altijd duidelijk wanneer media de feiten weergeven of juist verhullen.’ Nu dit land van fase 1 van de intelligente lock-down overgaat naar fase 2, met wel of niet een app, mondkapjes en anderhalve meter als een nieuwe sociale norm, zal het lastig zijn om wijs te worden uit de meningen van politici, deskundigen en de ongeveer 17 miljoen écht beterweters die ons land rijk is. Dan is enig inzicht hoe het precies werkt, met waarheid en waarheidsverdraaiing behulpzaam – en troostend wellicht, want het blijkt van alle tijden en de wereld draait nog altijd.

Na de inleiding van Emma Cohen de Lara, zij is verbonden aan het Amsterdam University College en het Amsterdam Institute for Social Science Research en stelde de bundel samen, volgen acht essays. 

Als u, door tijdsdruk of zo, snel wilt weten hoe u waarheidsverdraaiing kan doorzien, kunt u ook de samenvattingen van de essays lezen. 

 

Emma Cohen de Lara (red.), Plato en de sofisten. Een spiegel voor onze tijd. Annalen van het Thijmgenootschap, jaargang 107 (2019), aflevering 4. Valkhof Pers, Nijmegen, 2020. 

ISBN 9789056255220


Ik las onlangs het boek Onbeminde gelovigen. Waarom we religieus blijven van de Antwerpse filosoof Guido Vanheeswijck (2019). Hoewel een lovenswaardig boek is dit toch niet het boek dat ik wil aanraden. Door dit boek echter kwam ik bij een ander boek terecht dat ik met nog veel meer plezier gelezen heb, namelijk het boek waar Vanheeswijck met zijn titel naar verwijst: Beminde gelovigen van Godfried Bomans. Hierin beschrijft de auteur zijn herinneringen aan het ‘rijke roomse leven’ in het Nederland van de jaren ’20 en ’30. Eigenlijk is het een verzameling cursiefjes, die lezen als een trein. Voor mij, als product van de jaren tachtig, was dit een bijzonder boeiende reis door de tijd. Bomans schrijft uitvoerig - en uitermate interessant voor een theoloog of religiewetenschapper - over de opvattingen en gebruiken van rooms-katholieken in die tijd. Het was voor mij niet alleen een kennismaking met een vorm van katholicisme die we ons vandaag niet meer kunnen voorstellen, maar ook met de geweldige schrijver die Bomans is. Enerzijds is hij wat opstandig, bijvoorbeeld ten aanzien van de macht van het instituut, ‘goed dat het voorbij is’, maar anderzijds met een vorm van weemoed en bewondering, bijvoorbeeld over de spiritualiteit of het voorbeeld van de missionarissen. Een bijzonder beeldrijk werk, met een goede dosis ironie en humor – oh zo nodig in deze tijd – en vooral een stijl die doet verlangen naar meer. Het was zeker niet het laatste boek van Bomans dat ik in deze corona-tijd zal lezen… 

Godfried Bomans, Beminde gelovigen. Ambo, Amsterdam, 1971. ISBN 9789026301360


De tweede berg van David Brooks lijkt op het eerste gezicht niet veel anders dan andere zelfhulpboeken. Het belooft dat de lezer na lezing van dit boek eindelijk het geheim kent om een zinvol leven te leiden. Toch blijkt het bij nader inzien verrassend diepzinnig. De auteur beschrijft hoe we tegenwoordig krampachtig zoeken naar geluk, om zo te ontsnappen aan de eisen van carrière en succes. Dan gaan we brood bakken of tuinieren, en proberen we geluk in de kleine dingen te vinden. Maar die zoektocht naar geluk blijft volgens Brooks onbevredigend. Van uiteenlopende vooral christelijke denkers als Tolstoi, Etty Hillesum, of Dorothy Day leert hij dat er iets hogers bestaat, en dat noemt hij 'vreugde'. In tegenstelling tot geluk is die vreugde iets paradoxaals: je ontvangt het pas als je je eigen behoeften hebt losgelaten. Een werkelijk zinvol leven vereist dat je je durft te committeren aan gemeenschap, aan andere mensen, aan iets dat jezelf overstijgt. Dat maakt je leven niet comfortabeler, maar wel veel vreugdevoller en zinvoller. Een thema om te overwegen, juist in deze tijden waarin onze gemeenschapszin op de proef wordt gesteld.

David Brooks, De tweede berg. De zoektocht naar een zinvol leven. Het Spectrum, Amsterdam, 2019. ISBN 9789000371174


Jeroen Brouwers, Cliënt E. Busken is een fantastisch boek, waarin de auteur vanuit het perspectief van iemand die verward en verwaarloosd is opgenomen op een psychiatrisch-geriatrische afdeling naar zichzelf en naar de omgeving kijkt. Jeroen Brouwers is een woordkunstenaar die één dag van Busken beschrijft, in een haast ononderbroken gedachteassociatie. Tragisch en hilarisch tegelijk.

Jeroen Brouwers, Cliënt E. Busken. Atlas Contact, Amsterdam, 2020. ISBN 9789025455941


Een blik op de klok is soms niet voldoende om te weten hoe laat het is. De tijd is dichter, kleurrijker en dieper dan de klok aangeeft. Mensen ervaren in de late moderniteit versnelling, maar soms ook gedwongen vertraging of verveling. Ze voelen het innerlijke ritme van hun lichaam, dromen zich terug naar het verleden, hebben hoop en verlangens. En er is de wereldtijd en de eeuwigheid.

Als men een idee wil krijgen van deze verschillende tijdservaringen, is theologische reflectie alleen niet genoeg, al laat deze zich inspireren door de filosofie en de sociale wetenschappen. In dit onderzoek wordt daarnaast de kunst gebruikt voor het theologisch discours. Voor de auteurs dienen de rond 40 kunstwerken echter niet als illustratie van wat er sowieso al vaststaat over de tijd. Integendeel, ze ontsluiten deze als een onafhankelijke bron van kennis, als een eigen locus theologicus. Zodoende brengen ze in 15 hoofdstukken esthetische, kunsthistorische en theologische inzichten in een dialoog met elkaar.

Claudia en Stefan Gärtner, Was die Stunde schlägt. Eine ästhetisch-theologische Zeitansage mit Kunst. Grünewald Verlag, Ostfildern, 2019. ISBN 9783786731900


Marc De Kesel, Het münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen. Een indrukwekkend boek, een behoorlijke kluif, vooral ook omdat De Kesel het gedachtegoed van Lacan beschrijft. Een belangrijk boek voor theologen, omdat het duidelijk maakt welke blijvende betekenis het psychoanalytische denken voor de reflectie over religie (en voor kunst) heeft: de noodzakelijke aandacht voor de achterdocht, omdat het menselijk verlangen er steeds toe neigt om het leven als maakbaar te beschouwen en de tragiek en mislukking te ontkennen. Ook religie en kunst kunnen die neiging hebben, terwijl anderzijds religie en kunst noodzakelijk zijn om met het tekort te kunnen leven. Die spanning moet de analyticus maar ook de theoloog zien uit te houden.

Marc De Kesel, Het münchhausenparadigma. Waarom Freud en Lacan ertoe doen. Vantilt, 2020. ISBN 9789460044120


Masada spreekt tot de verbeelding. Het aan de Dode Zee gelegen zomerpaleis van koning Herodes was het laatste bolwerk van de Joodse opstand in 69-70 tegen de Romeinse bezetting. De massazelfmoord waartoe de laatst overgebleven verzetsstrijders overgegaan zijn, heeft geleid tot een mythische voorstelling van heldendom. In 2019 is een nieuw studie verschenen over Masada en de Joodse opstand van de hand van Jodi Magness, verbonden aan de University of North Carolina: Masada: From Jewish Revolt to Modern Myth, uitgegeven door Princeton University Press. Een Duitse vertaling is zojuist verschenen bij Wissenschaftliche Buchgesellschaft: Masada: Der Kampf der Juden gegen Rom. Jodi Magness’ studie leest als een trein, is schitterend uitgegeven met zwart-wit- en kleurenfoto’s en heldere kaarten. Een aanrader voor iedereen die van Bijbelse archeologie houdt!

Jodi Magness, Masada. From Jewish Revolt to Modern Myth, Princeton University Press, Princeton, 2019. ISBN 9780691167107 (Duitse uitgave: 9783806240771)


In de hedendaagse duurzaamheidsdiscussie gaat het veel over Sustainable Development Goals, ‘People, Planet, Prosperity’ en klimaat en CO2-reductie, maar weinig over hoe je duurzaamheid zelf duurzaam maakt, dat wil zeggen blijvend verankerd in het gedrag van mensen. Uitgangspunt van deze bundel, die zich vooral richt op ecologische ethiek en morele motivatie, is dat de individuele mens de komende jaren een omslag gaat maken ‘from satisfactions to value’, van het nalopen van eigenbelang naar de inzet voor zaken van gedeelde waarde. Deze ethische omslag, die begint met de vraag ‘waar ben ik nu helemaal mee bezig?’, kan op diverse manieren plaatsvinden: van binnenuit (inzicht en overtuiging), van buitenaf (incentive en ontmoeting), of van bovenaf (ingeving en openbaring). Maar hoe voltrekt zich deze omslag nu werkelijk? Kun je organiseren dat hij zich voltrekt? Kunnen mensen bewogen worden tot een morele omkeer naar belangen van waarde? In deze bundel komen zaken aan de orde als de relatie tussen waarden en gedrag, de kracht van motivatie en emoties, het belang van bewustzijn en verantwoordelijkheid, de waarde van beleving en lichamelijkheid, de plaats van mysterie en contemplatie, en het voorbeeld van verhalen en de natuur. Daarbij gaat het uiteindelijk om de vraag hoe mensen bevrediging vinden in echte betrokkenheid en vruchtbaar ethisch handelen

Krijn Pansters (ed.), Duurzame duurzaamheid: Ecologische bekering en betrokkenheid. Utrecht, Eburon, 2020. ISBN 9789463012683


Het beste boek om weer gevoel te krijgen voor het mysterie van het leven en voor de aangewezen zijn op elkaar is De kleine prins. We treffen daarin milde verbazing aan over hoe de mensen leven en van de ene plaats naar de andere jakkeren. De rust die momenteel intreedt heeft een ernstige oorzaak, maar kan ons ook doen wennen aan een andere manier van leven. De planeet waar de kleine prins op leeft is wel heel klein, maar ook die van ons is niet oneindig groot!

Antoine de Saint-Exupéry, De kleine prins. Rainbow, Amsterdam. ISBN 9789041740922 (er zijn diverse uitgaven met eigen ISBN nummers)


De ziel. Een begrip waar we niet zonder blijken te kunnen, maar waarvan de wetenschap zich tegenwoordig verre houdt. Een Nederlandse filosoof schreef tastenderwijs waarover we niets met zekerheid kunnen zeggen. Een boek om langzaam te lezen. Het boek is opgezet als een beschouwing bij een misleidend helder gedicht van Wislawa Szymborska, vertaald door Gerard Rasch, dat begint met de regel: ‘Niets cadeau gekregen, alles te leen.’ 

Veel van wat belangrijk leek, blijkt nu niet van essentieel of vitaal belang. Tegelijkertijd zien we meer de waarde van de gewone dagelijkse bezigheden. Nog een passage uit het gedicht: ‘.. en het ziet ernaar uit / dat we met lege handen zullen achterblijven. ‘ En tot slot: ‘Het protest ertegen / noemen we de ziel.’

In onzekere tijden als deze verschijnt de zekerheid van het eigen gelijk als aantrekkelijk. Lezing van een boek als dit maakt bescheiden. Er is tijd nodig om af te leren wat we dachten te weten. 

Gerard Visser, Niets cadeau. Een filosofisch essay over de ziel¸ Valkhof Pers, Nijmegen, 2009. ISBN 9789056253103


Psalmen staan volop in de exegetische belangstelling. Hoe vertaal en lees je een psalm? Welke positie heeft een psalm of een psalmengroep in het geheel van het boek der Psalmen? Hoe worden psalmen in het Nieuwe Testament gebruikt? Deze spannende vragen kwamen aan bod op de jubileumbijeenkomst van het Bijbels Werkgenootschap Sint Hiëronymus ter viering van het 75-jarig bestaan van dit gezelschap van katholieke exegeten in Nederland en Vlaanderen. De bijdragen zijn thans bijeengebracht in een fraai toegankelijke bundel, geredigeerd door Archibald van Wieringen en Joke Brinkhof, uitgegeven door Berne Media. Naast de individuele Psalmen 3, 91, 130 en 139, worden ook de psalmengroep 35-41 en de ‘stil gebed’-psalmen behandeld, alsmede het Hosanna uit Psalm 118 in de evangeliën en de psalmcitaten in de Hebreeënbrief.

Archibald van Wieringen, Joke Brinkhof (red.), Psalmen interpreteren en vertalen. Berne Media, Heeswijk 2020. ISBN 9789089723802