Departement Filosofie

De menselijke existentie volgens Heidegger

"Een van de meest invloedrijke en omstreden denkers van de twintigste eeuw: Martin Heidegger, de filosoof van de menselijke existentie (Dasein)"

Heidegger's wortels in de fenomenologie

Ofschoon Heidegger nooit een leerling van Husserl is geweest, is zijn filosofie toch sterk door de fenomenologische methode van Husserl beïnvloed. Van Husserl neemt Heidegger de idee over dat het bewustzijn altijd bewustzijn van iets is. De scheiding tussen het bewustzijn hier en de dingen en objecten daar ergens in de buitenwereld wordt opgeschort. Aanwezig zijn betekent aanwezig zijn voor het bewustzijn en het bewustzijn zelf is niet een leeg bewustzijn maar is altijd gericht op iets.

Deze relatie tussen het zijn en verschijnen van de dingen enerzijds en het bewustzijn anderzijds is bepalend voor de filosofie van Heidegger. In zijn hoofdwerk Sein und Zeit vraagt Heidegger als het ware hoe en op welke wijze de dingen voor ons aanwezig zijn. Hij wijst er op dat de dingen altijd voor ons aanwezig zijn binnen bepalingen en vormen van de tijdelijkheid. De mens kan slechts spreken over het zijn voor zover het zijn verschijnt en begrepen wordt binnen de grenzen van de tijdelijkheid.

Sein und Zeit - Eerste deelgebied: De analyse van het Dasein

Inleiding
1. Praktische omgang met de dingen in de alledaagsheid
2. De destructie van de klassieke begrippen
3. Stemming, verstaan, taal
4. De vervallenheid
5. Structuur van de zorg

Sein und Zeit - Tweede deelgebied: Dasein en tijdelijkheid

1. Het zijn ten dode
2. Het eigenlijk zijn en de tijdelijkheid als mogelijkheidsvoorwaarde
3. Tijdelijkheid en alledaagsheid

De geschiedenis van het westerse denken

Heideggers filosofie is ook een analyse van de westerse filosofie. Deze is vergeten dat zij, wanneer zij het zijn denkt, dit zijn denkt als aanwezigheid en presentie en bovendien als veroorzaakt. De filosofie weet niet, omdat zij vervallen is aan het voor de hand liggende, dat haar begrip van zijn door de tijdelijkheid is bepaald.

Veel van Heideggers colleges die nu, posthuum, in de Gesamtausgabe van Heidegger worden uitgegeven zijn analyses van de grote westerse filosofen. Steeds weer herneemt Heidegger daar de vraag hoe het westerse denken tot het beheersingsdenken en aanwezigstellen kon uitgroeien. In de moderne tijd is de mens steeds meer tot de maat van alle werkelijkheid geworden. Al zijn analyses hebben tot doel dit verengde en gestolde zijnsbegrip weer open te breken.

De problematiek die Heidegger aanroert is niet eenvoudig. Telkens wanneer de mens het zijn ter sprake wil brengen trekt het zich terug. Het zijn laat zich niet als een ding of als een zijnde identificeren. Het zijn is altijd anders dan het zijnde. Heidegger spreekt in dat verband van de ontologische differentie. Dat wat over het zijn gezegd zou moeten worden, is steeds verschillend van dat wat er over gezegd wordt. Het zijn zelf trekt zich terug voor het filosoferende bewustzijn en laat zich slechts vermoeden en dichtend aanwijzen. Om deze reden besteedt Heidegger in zijn denkweg veel aandacht aan de duidende taal van de dichters, in het bijzonder bij Hölderlin.

Literatuur

  • S. IJsseling, Heidegger, Denken en danken, geven en zijn , Antwerpen 1964
  • O. Pöggeler, Der Denkweg Martin Heideggers , Pfullingen, 1963
  • H. Ott, Martin Heidegger, Unterwegs zu seiner Biographie , Frankfurt, 1988