Departement Filosofie

Wat is wetenschapsfilosofie?

Wetenschappelijke methode van onderzoek

Wat is eigenlijk wetenschap? Is er één enkele enig juiste wetenschappelijke methode? En wat bewijst een wetenschappelijk bewijs nu eigenlijk? Er is, zoals iedereen weet, een ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschappen. Er zijn, al komen we er niet dagelijks over de vloer, wetenschappelijke instellingen. Er zijn, en niet alleen in witte laboratoriumjassen, wetenschappers. Er is, hoewel we er niet vaak expliciet over spreken, een wetenschappelijke methode van onderzoek.

Wat is wetenschap?

In al deze constateringen wordt een beroep gedaan op onze intuïtie aangaande wetenschap. Wanneer iemand aan ons vraagt wat een wetenschappelijke hypothese, een wetenschappelijke methode, of een wetenschapper nu eigenlijk is, dan denken we vaak: dat is een moeilijke vraag, maar geef me even de tijd en ik kom met een acceptabel antwoord op die vraag. Met name in de 20e eeuw is echter gebleken dat een eenduidig antwoord moeilijk te geven is. De wetenschapsfilosofie heeft zich expliciet gebogen over de vraag wat 'wetenschap' is, en is tot de opmerkelijke conclusie gekomen ... dat we eigenlijk niet goed weten wat wetenschap tot wetenschap maakt!

Wetenschapsfilosofen

Laten we eens kijken naar enkele antwoorden die beroemde wetenschapsfilosofen op die vraag gegeven hebben. Het antwoord van de 'logisch-empiristische' Wiener Kreis , een groep wetenschappers (!) en wetenschapsfilosofen rondom Moritz Schlick, Otto Neurath en Rudolf Carnap die in 1929 een beroemd geworden manifest publiceerde ( Wissenschaftliche Weltauffassung der Wiener Kreis ), luidde als volgt: een hypothese is wetenschappelijk wanneer die hypothese bevestigd kan worden door middel van de zintuiglijke waarneming. Dat klinkt wellicht plausibel, maar Karl Popper was juist van mening dat een hypothese wetenschappelijk is wanneer die hypothese weerlegd kan worden door een beroep te doen op de empirie. Als je iets 73 keer constateert is het waarschijnlijk in het 74ste geval ook zo, maar dat is nooit helemaal zeker. Maar als je iets al is het maar éen keer weerlegt heb je een stukje definitieve kennis, stelde Popper. Hij werkt dit 'falsificationisme' uit in zijn boek The Logic of Scientific Discovery (1959).

Thomas Kuhn kwam vervolgens met een radicaal andere visie. De geschiedenis van de wetenschap laat een reeks van elkaar opvolgende paradigma's zien, argumenteerde hij, met daar tussenin zogenaamde wetenschappelijk revoluties. Paradigma's zijn grote complexen van samenhangende hypothesen, intern consistent maar onderling niet. Het ene paradigma wisselt het andere af, en telkens heeft men weer een andere visie op wat goede wetenschap en betrouwbare kennis is. Wat de beste visie is - daarvoor hebben we geen criteria. Dit wordt ontwikkeld in zijn beruchte The Structure of Scientific Revolutions (1962/1970).

Imre Lakatos op zijn beurt tracht de geschiedenis van de wetenschap weer anders te interpreteren. Hij meent geen elkaar opvolgende paradigma's te zien zoals Kuhn, maar eerder een grote hoeveelheid gelijktijdige, concurrerende wetenschappelijke onderzoeksprogramma's. En volgens hem blijkt op de langere duur wel degelijk welk daarvan het zich het beste handhaaft, en dus het meest wetenschappelijke is. In 1970 schrijft Lakatos daarover een lang artikel, 'Falsification and the Methodology of Scientific Research Programmes', waarin hij dit antwoord geeft op de vraag wat wetenschap is. Op deze manier is de uitvoerige, nog altijd voortwoedende discussie ontstaan tussen empiristen, falsificationisten, 'Kuhnianen' en 'Lakatosianen' over de werkelijke aard van 'wetenschap'.

Het antwoord van de excentriekeling Paul Feyerabend op deze discussie en de vraag naar de aard van wetenschap mag niet ongenoemd blijven. Feyerabend staat bekend als een anarchistische wetenschapsfilosoof sinds hij in 1975 zijn boek Against Method publiceerde, bedoeld als een antwoord op Lakatos. Volgens hem kan geen enkele methode van onderzoek aanspraak maken op de enige echte wetenschappelijke methode. Als er al een regel te vinden is voor wetenschappelijk onderzoek, stelt hij, dan is het de regel dat er geen vaststaande regels voor wetenschappelijk onderzoek zijn -- 'anything goes'!

Balans

Wanneer we de balans opmaken zien we een hele reeks van antwoorden op de vraag wat wetenschap is. Je zou dus kunnen concluderen dat op z'n minst onduidelijk is wat wetenschap eigenlijk is. Dit maakt de wetenschapsfilosofie tot een discipline waar heel veel werk te doen is, temeer omdat wetenschap nog tal van andere problemen met zich meebrengt:

  • zijn de sociale wetenschappen van dezelfde aard als de natuurwetenschappen?
  • wat is de status van de psychologische wetenschappen? Verwijzen termen als 'elektron', 'virus', maar ook 'intentie', 'opvatting', naar daadwerkelijk bestaande 'dingen'?
  • is wetenschap eigenlijk niet een sociaal proces dat bestudeerd moet worden binnen de sociologie?
  • hebben we aan empirische data wel genoeg om te kiezen tussen verschillende hypotheses?
  • hoe is het empirisch bewijsmateriaal te koppelen aan de waarschijnlijkheid van een hypothese?
  • wat is eigenlijk verklaren?