Tilburg University Society

Mismatch op de arbeidsmarkt: Op naar een nieuw sociaal contract

De feiten: 310 duizend werklozen, 250.000 vacatures. En het eind van de vacaturestijging is nog niet in zicht. Maar het is geen kwestie van 1 op 1 vacatures vullen met werklozen.

Daarvoor liggen aard en niveau van de (gevraagde) expertises veel te ver uit elkaar. Nog even los van de kwantitatieve krapte sec. De krapste beroepsgroepen vinden we in de bouw, zorg, techniek, onderwijs en ICT. Zie hier de mismatch op de arbeidsmarkt in een notendop. Ook in Brabant. Wat te doen?

Die vraag stond centraal in de zesde Cobbenhagen Summit, dit keer in de LocHal te Tilburg, met een panel, geïntroduceerd door professor Sylvester Eijffinger, bestaande uit Frits van Eerd, CEO van Jumbo, Bas van Bavel, hoogleraar in Utrecht, Iris Zonneveldt, CEO Treams en de Tilburgse hoogleraren Ton Wilthagen en Paul van Geest. De meeting werd gemodereerd door Simone van Trier. In de zaal het neusje van de Brabantse ondernemerszalm, provinciale politici en lokale bestuurders. Hoe kijken zij aan tegen de factor arbeid als grote beperkende factor in het economische groeiverhaal van de provincie?

Dataficatie

De data-economie draait op volle toeren. Niemand, geen bedrijf, geen instelling, kan nog zonder big data, de grondstof van de nieuwe economie. Waardecreatie met data is nu al een feit, en wordt nog veel belangwekkender. Ook in Brabant. Maar liefst 56% van de Brabantse bedrijven geeft aan dat data-analyse een belangrijke technologische trend is voor hun bedrijf. Internet of things en cloud computing worden door resp. 47% en 44% belangrijk gevonden.

Sylvester Eijffinger: “Vreest niet! De cloud is een must, de cloud is veiliger dan wat ook, en dat zeg ik uit eigen ervaring als voorzitter van de RvC bij de BKR, die met een uitfasering van het mainframe naar de cloud bezig is.”

Eijffinger, hoogleraar Financiële Economie en president van de Tilburg University Society, laat zien dat de regio in 2023 behoefte heeft aan 20.000 nieuwe datawerkers en dat er 1 miljard opgehoest zal moeten worden in de Brabantse data-business. Een hele opgave in de geschetste arbeidsmarktcontext. Maar het moet, er is geen tijd te verliezen, is zijn oproep aan de zaal. Anders verliest Brabant haar koploperschap, haar toppositie als dè datatech-regio in Nederland en Europa. Het Brabantse bedrijfsleven, de politiek, de provincie moeten daartoe (nog meer) de handen ineen slaan.

‘Jumbianen’

Keynote-spreker Frits van Eerd bevestigt dat ook zijn supermarktconcern ICT-afhankelijk is geworden. Alleen de logistiek al. Dat is geweldig, hoe dat allemaal gaat. De bouw van een groot geautomatiseerd distributiecentrum in Nieuwegein staat op de rails.

Van Eerd leidt een familiebedrijf (3e generatie, een eeuw oud) dat groeit als kool, vooral door de overnames van Super de Boer, C1000, EMTE en La Place. De filosofie van het bedrijf is: van klanten fans maken, aan de hand van zeven zekerheden. Zo garandeert Jumbo dat er geen lange wachtrijen bij de kassa staan door de 4e in de rij niets te laten betalen.

Er werken inmiddels 80.000 werknemers die in 2019 een verwachte omzet genereren van 8,5 miljard euro. Gemiddeld werken er 150 mensen per winkel, met een gemiddeld omzet van 150 miljoen. Het supermarktconcern kampt wel met een groot verloop, pakweg 20.000 per jaar, door de vele tijdelijke en parttime krachten. En ja, het is steeds weer een hele toer om die gaten te dichten waar een relatief goed beloningssysteem bij helpt. Jumbo investeert ook continu in haar ‘Jumbianen’ via een eigen gecertificeerd opleidingsinstituut: de Jumbo Academy. Daar kunnen medewerkers bijvoorbeeld groeien naar filiaalmanager. De grootgrutter heeft de vakbond buitenspel gezet door een eigen arbeidsvoorwaardenregeling te treffen.

Verhouding kapitaal en arbeid ontwricht

Bas van Bavel, hoogleraar Transities van Economie en Samenleving in Utrecht, brengt de vraag naar een hoger abstracter niveau, op de samenleving als geheel. “We weten nu dat economische groei zich niet allen meer vertaald in welvaartsgroei. Zo blijft de koopkracht achter. De reële lonen zijn in tien jaar tijd niet gestegen waarmee de balans tussen de factor kapitaal en de factor arbeid in het nationaal inkomen verder is verstoord.”

Die verstoring kan deels worden verklaard door de flexibilisering van de arbeidsmarkt, waardoor de positie van werknemers is verzwakt. De macht van de vakbonden is ook steeds meer uitgehold. En dat in het bredere kader van mondialisering, globalisering, digitalisering, internationale concurrentie die de lonen drukt, beleid waarmee bedrijven ontsnappen aan belastingdruk, en een gelijktijdige verzwaring van belasting op arbeid. Dit verklaart de onrust nu aan de onderkant van de samenleving, met vragen als ‘waarom deel ik niet in de economische groei?’ En leidend tot wantrouwen in instituties als rechterlijke macht, wetenschap en internationale samenwerkingsverbanden.

Het maatschappelijk middenveld, het segment tussen staat en markt, is verbrokkeld geraakt, aldus Van Bavel. Denk aan de coöperatieve Rabobank, associaties waar stakeholders bij de besluitvorming betrokken waren. En daar is niks voor in de plaats gekomen. Er zal weer een nieuw sociaal contract tot stand moeten komen. Het maatschappelijke middenveld zal weer heropgebouwd moeten worden. De overheid zal kapitaal en arbeid weer bij elkaar moeten brengen. Dat zullen individuele bedrijven niet doen.

Van Bavel is positief over de herwaardering die Martinus Cobbenhagen, de founding father van Tilburg University, weer krijgt. Hij was de man van de sociale economie, van sociaal ondernemerschap onder het motto ‘Economie is geen doel op zich maar een middel tot verhoging van de welvaart’.

Deelnemers kregen aan het eind van de summit zijn boek ‘De Onzichtbare Hand, hoe markteconomieën opkomen en neergaan’, mee naar huis. Een interessant werk dat in recensies met vijf sterren werd beloond.

Continu mensen ‘updaten’

Ton Wilthagen, hoogleraar Institutionele en Juridische Aspecten van de Arbeidsmark aan Tilburg University, stelt dat er geen absolute krapte is op de arbeidsmarkt maar de mismatch zit hem in het feit dat mensen niet bijgeschoold worden. We moeten ze continu updaten. Dat doen Duitsland en de Scandinavische landen beter. Daar hanteert men een ‘work first’ benadering bij de afvallers. Dus investeren in mensen die niet werken. Verder wordt onze arbeidsmarkt gekenmerkt door grote groep deeltijders (veel hoger dan in de rest van Europa), een lage participatie van vrouwen, weinig investeringen c.q. scholing ten behoeve van intersectorale mobiliteit (vinden individuele bedrijven niet interessant).

Wilthagen pleit voor een ‘new deal’ voor de arbeidsmarkt en een nieuw sociaal contract waarin life long learning cruciaal is. Denk aan regionale scholingsinvesteringsfondsen. “Iedereen moet bewegen, we moeten niet langer individualiseren, maar toe naar nieuwe collectiviteiten. Krapte is geen natuurverschijnsel.”

Aan het slot pleit Wilthagen voor een Brabants Aanvaardbaar Peil. Onder die BAP mag niemand zakken. De peilstok meet onder meer inkomen en scholingsniveau, met minimumniveaus waar niemand onder mag zakken.

Emotioneel contract

Op meer persoonlijk en individueel niveau doet Iris Zonneveldt een duit in het zakje. zij leidt het bedrijf Treams, een platform dat medewerkers in staat stelt om voortdurend focus te houden op hun groei en ontwikkeling, op hun talenten. Het kan toch niet zo zijn dat 80% van de werkenden, volgens bepaalde bronnen, niet met plezier naar hun werk gaat, vraag Iris zich af. Dus zorg voor gedeelde waarden, voor plezier, vertrouwen, betrokkenheid, transparantie, trots. Succesvolle teams zijn teams met leden die hun waarden delen. Deel cijfers, deel zorgen en successen. Investeer in werknemers, met het risico dat ze vertrekken. Plezier, passie, jezelf kunnen zijn, vormen belangrijke drijfveren voor innovatie.

Iris: “Je gaat als werknemer niet alleen een economisch contract aan maar ook een emotioneel contract.”

Katholieke sociale leer

Paul van Geest, hoogleraar Kerkgeschiedenis en Geschiedenis van de Theologie, wil best een keer lesgeven aan de Jumbo Academy over de factor arbeid in het vroegtheologische denken. Hij gaat terug naar Augustinus ‘Belijdenissen’ (“wereldliteratuur” aldus Van Geest) en verhaalt over de worsteling die de aartsvader had met ‘de factor arbeid’, met werken in relatie tot ‘nietsdoen’, rust, stilte, ledigheid, niet-werken. Je moet een balans zien te vinden tussen werken (niet afhankelijk zijn van giften; autonoom zijn) en niet-werken (bidden, contemplatie). Augustinus kwam uiteindelijk tot het mensbeeld dat ten grondslag ligt aan het beeld van de werkende mens in de katholieke sociale leer: werk moet altijd voorafgaan aan bezinning op de drijfveren waarmee je werkt.

De principes van de katholieke sociale leer gaan dus via de filosofie (Thomas van Aquino) en theologie (Augustinus) al vele eeuwen terug, maar begon pas echt vorm te krijgen met de publicatie van de encycliek Rerum Novarum (Over nieuwe dingen, in 1891). Ook Martinus Cobbenhagen werd er door geïnspireerd.

Introductie door Sylvester Eijffinger

De lezingen terugkijken:

Frits van Eerd: https://youtu.be/DemYzONBuRw

Bas van Bavel: https://youtu.be/ZolxjsGplvE

Ton Wilthagen: https://youtu.be/T817hi2oQJ0

Iris Zonneveldt: https://youtu.be/M1DnxAxuOAE

Paul van Geest: https://youtu.be/9Xex61SXNS0