News and events Tilburg University

Stem van de patiënt doorslaggevend voor rehabilitatie bij ernstige psychische aandoeningen

Gepubliceerd: 29 maart 2021 Laatst bijgewerkt: 29 maart 2021

Actieve en zinvolle deelname aan de maatschappij is van groot belang voor herstel, gezondheid en kwaliteit van leven van mensen met ernstige psychische aandoeningen. Rehabilitatie verloopt echter vaak moeizaam. Gezien de diversiteit binnen deze groep is begeleiding op maat noodzakelijk. De belangrijkste succesfactor voor het bevorderen van maatschappelijke participatie is dat de patiënt gehoord wordt en mede bepaalt wat de te behalen doelen zijn. Binnen de ggz moet er voldoende tijd en ruimte zijn om hier aandacht aan te besteden. Hulpverleners moeten in staat gesteld worden een doelgerichte werkrelatie met patiënten te ontwikkelen. Dit is met name een punt van aandacht voor de meest kwetsbare groep met veel symptomen en weinig activiteiten.

Dit blijkt uit promotieonderzoek van Sarita Sanches (Tilburg University/Tranzo en Altrecht GGZ). Hierin is geanalyseerd welke factoren meespelen in de maatschappelijke participatie van mensen met ernstige psychische aandoeningen en welke factoren bepalend zijn voor het behalen van doelen op dit gebied. Uit de analyse van ruim 1.000 patiënten blijken vier subgroepen te onderscheiden gebaseerd op hun daadwerkelijke mate van participatie en zorgbehoefte op dit gebied. Iedere subgroep heeft eigen kenmerkende uitdagingen, wat de noodzaak voor hulpverlening op maat onderstreept. Meest bepalend voor het behalen van rehabilitatiedoelen en meer kwaliteit van leven, is de mate waarin patiënt en hulpverlener samen overeenstemming bereikten over de te behalen doelen.

In het onderzoek is tevens bij 188 deelnemers gekeken naar de kosteneffectiviteit van de individuele rehabilitatiebenadering (IRB) als methode om de maatschappelijke participatie van mensen met ernstige psychische aandoeningen te verbeteren. Deze methodiek had een positief effect; bijna de helft van de patiënten (43%) had een grotere mate van maatschappelijke participatie dan voor de behandeling. Dit gold echter in dezelfde mate voor de controlegroep met mensen die eveneens actieve hulpverlening bij hun doelen kreeg aangeboden zonder dat een specifieke methodiek werd toegepast. Dit percentage is veel hoger dan dat gerapporteerd in observationele studies waarin geen hulp bij maatschappelijke participatie geboden wordt. Eerdere werkervaring en minder psychische symptomen bleken betere voorspellers voor maatschappelijke participatie dan de toegepaste methodiek.

Noot voor de pers

Noot voor de pers