Students Tilburg University

SPSS: Symmetrie en onderling afhankelijke metingen

In het vragenschema wordt het onderscheid gemaakt tussen een asymmetrisch verband, een symmetrisch verband en onderling afhankelijke metingen. Hieronder worden deze kort besproken.

Asymmetrisch verband

Bij een asymmetrisch verband kun je minimaal één of meerdere afhankelijke en onafhankelijke variabelen aanwijzen. Een afhankelijke variabele wordt voorspeld  uit een onafhankelijke variabele (of groep variabelen).  De onafhankelijke variabele beïnvloedt de afhankelijke variabele. Als je bijvoorbeeld verwacht dat mannen en vrouwen verschillend scoren op een taaltest, dan verwacht je dat de variabele geslacht (= onafhankelijke variabele) de taalscores (= afhankelijke variabele) beïnvloedt. Er is dan sprake van een asymmetrisch verband.

Symmetrisch verband

Bij een symmetrisch verband kun je geen onafhankelijke variabele(n) aanwijzen. Soms wil je alleen weten of twee variabelen samenhangen, het maakt dan niet uit of variabele A invloed heeft op variabele B of dat variabele B invloed uitoefend op variabele A. Je kunt de variabelen dan met elkaar verwisselen zonder dat dit effect heeft op de uitkomst.

Onderling afhankelijke metingen

Bij onderling afhankelijke metingen wordt hetzelfde concept bij dezelfde onderzoekseenheden in verschillende omstandigheden gemeten. De data staat dus in twee (of meerdere) variabelen (kolommen)in je datamatrix. Toetsen die je kunt doen zijn afhankelijk van of je samenhang of verschil wilt analyseren. Bij samenhang beschouw je de meting als symmetrisch. Bij het analyseren van een verschil heb je specifieke toetsen.


    NB: Als in het vragenschema gesproken wordt over variabelen, worden variabelen in de datamatrix bedoeld en geen abstracte of hypothetische variabelen. Bij onderling afhankelijke metingen worden de metingen daarom in principe als aparte variabelen beschouwd.

    Bij het toetsen van een asymmetrisch verband werk je in principe verticaal in je datamatrix; je bekijkt verschillen tussen groepen gevormd door de categorieen van 1 of meerdere variabelen. Bij het toetsen van een symmetrisch verband kijk je naar het verschil of de samenhang tussen twee of meer variabelen en toets je horizontaal. Bij onderling afhankelijke metingen is het uitgangspunt een horizontaal verschil. Bij de opname van een 'Between- Subjects Factor' kijk je echter ook nog naar verticale verschillen.

    Voor meer informatie kun je Hinkle, hoofdstuk 1 blz.11-12 of de Heus, hoofdstuk 3, blz.38 raadplegen.