CoRPS Center of Excellence

Research of the Department Medical and Clinical Psychology is embedded in CoRPS.

Maatschappelijke impact CoRPs

[only in Dutch]

Populair wetenschappelijk

Met enige regelmaat komen we CoRPS onderzoekers tegen in de media. Ook geven we lezingen voor een breed algemeen publiek, of een patiënten federatie of worden we gevraagd voor een TV optreden. Hieronder een overzicht, waar mogelijk met link.

Populaire wetenschappelijk CoRPs

TV optredens

Professor dr. Ad Vingerhoets bij Universiteit van Nederland

  • Waarom lucht huilen niet op?
    Onze huilexpert prof. dr. Ad Vingerhoets vertelt je waarom de een meer huilt dan de ander, en wat het effect daarvan is op de mensen om hen heen.
  • Hoe versla je stress?
    In een tijd waar 1 miljoen Nederlanders jaarlijks het risico lopen op een burnout of andere stressgerelateerde ziekte, is een beetje hulp bij het omgaan met stress niet verkeerd. Onze redder in nood: prof. dr. Ad Vingerhoets vertelt je wat je kunt doen om je stress te beperken.
  • Waarom tranen onze ogen als we huilen?
    Prof. dr. Ad Vingerhoets doet aan de Universiteit Tilburg onderzoek naar onze emoties, zijn specialiteit? Huilen. Vanavond zal hij ons meer vertellen over waarom mensen de enige zoogdieren zijn die huilen, en waarom de ene mens meer huilt dan de andere.

Professor dr. Ad Vingerhoets – Kennislink interview

Professor dr. Anne Roukema bij Schepper & co

Boeken

Ad Vingerhoets - waarom mensen huilen

  • Lage zelfwaardering is een belangrijke factor in het ontstaan van psychopathologie zoals angst en depressie. Prof.dr. Korrelboom schreef een zelfhulpboek om je zelfbeeld te verbeteren. K. Korrelboom (2011). Verbeter uw zelfbeeld in 7 stappen; werkboek voor de client.
Kees Korrelboom - verbeter uw zelfbeeld in 7 stappen

  • Zelfhulp/voorlichtingsboek voor patiënten: Berretty, E. & C.W. Korrelboom (2003). Leven met een ontwijkende persoonlijkheidsstoornis. Houten/Mechelen, Bohn Stafleu Van Loghum. ISBN 90 313 4091 X.
  • Zelfhulp/voorlichtingsboek voor patiënten: Appelo, M. & C.W. Korrelboom (2006). Leven met Identiteitsproblemen. Houten/Mechelen, Bohn Stafleu Van Loghum. ISBN 90 313 4808 2.

Internetbehandeling

Binnenkort beschikbaar: Mindfulness voor ouders van peuters.

Website

“Haaruitval is een bijwerking van veel soorten chemotherapie. Iedereen ervaart haaruitval anders. Sommige patiënten hebben er geen last van terwijl anderen het heel erg vinden. Goede informatievoorziening over (de kans op) haaruitval en de mogelijkheid om haar te behouden met hoofdhuidkoeling is van belang. Dr. Floortje Mols en Prof. Dr. Lonneke van de Poll werkten mee aan de bouw van een website met informatie voor patiënten en zorgprofessionals over dit onderwerp; www.hoofdhuidkoeling.nl.

De website bevat ook een keuzehulp om patiënten inzicht te geven in hun kans op haaruitval bij een bepaald soort chemotherapie, met of zonder hoofdhuidkoeling.”

Prijzen

Professor dr. Johan Denollet: Prijs Wetenschap & Maatschappij 2007

Voor zorgprofessionals

Kennis uit fundamenteel onderzoek passen we toe in interventies, of gebruiken we om richtlijnen en medische protocollen te verbeteren. De nieuwe interventies (behandelingen) testen we in klinische trials op effectiviteit. Als het een succesvolle behandeling blijkt te zijn, is het goed als deze ingepast wordt in de landelijke klinische praktijk. Hieronder een aantal voorbeelden van behandelingen die onze onderzoekers hebben ontwikkeld, en die nu beschikbaar zijn in de klinische praktijk.

Zorgprofessionals CoRPs

Behandelingen

Onderzoekers van CoRPS dragen met hun onderzoek direct bij aan de zorg voor mensen. Bijvoorbeeld door behandelingen te ontwerpen die in de klinische praktijk gebruikt worden. Hieronder een aantal wetenschappelijk onderbouwde behandelingen die hun weg naar de zorgpraktijk gevonden hebben.

Het verbeteren van zelfwaardering

Lage zelfwaardering is een belangrijke transdiagnostische factor in psychopathologie. Psychiatrische patiënten hebben dikwijls een lage zelfwaardering. Zij hebben daar rechtstreeks last van, maar een lage zelfwaardering blijkt bij een aantal stoornissen ook een rol te spelen in de etiologie van die stoornis en tevens de kans op terugval na aanvankelijk herstel te vergroten. Bij remissie (spontaan of na behandeling) van de primaire stoornis neemt de zelfwaardering doorgaans automatisch toe. Maar vaak blijft de zelfwaardering van herstelde psychiatrische patiënten toch relatief laag. De stoornis heeft dan als het ware een litteken nagelaten. Binnen het enhancing low self-esteem project is een interventie ontwikkeld (Competitive Memory Training, oftewel COMET) die specifiek is gericht op het verhogen van de zelfwaardering bij verschillende groepen psychiatrische patiënten.

De effectiviteit van de interventie is inmiddels in een aantal RCT’s aangetoond bij verschillende patiënten populaties (eetstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen, depressie, angststoornissen en psychose). In deze studies bleek niet alleen de zelfwaardering te verbeteren, maar dikwijls ook de symptomatologie van de primaire stoornis. COMET wordt inmiddels binnen de Nederlandse GGz breed toegepast en onderzocht; ook in het buitenland is men ermee bezig.

Protocol en achtergronden voor de therapeut: K. Korrelboom (2011). COMET voor negatief zelfbeeld.

E-learning voor professionals: K. Korrelboom (2015). COMET voor negatief zelfbeeld bij volwassenen.

Hoofdhuidkoeling bij chemotherapie

“Haaruitval is een bijwerking van veel soorten chemotherapie. Iedereen ervaart haaruitval anders. Sommige patiënten hebben er geen last van terwijl anderen het heel erg vinden. Goede informatievoorziening over (de kans op) haaruitval en de mogelijkheid om haar te behouden met hoofdhuidkoeling is van belang. Dr. Floortje Mols en Prof. Dr. Lonneke van de Poll werkten mee aan de bouw van een website met informatie voor patiënten en zorgprofessionals over dit onderwerp; https://www.hoofdhuidkoeling.nl/. De website bevat ook een keuzehulp om patiënten inzicht te geven in hun kans op haaruitval bij een bepaald soort chemotherapie, met of zonder hoofdhuidkoeling.”

Boek over het ontwikkelen van internet interventies

Image aan de slag met e-health

Spek V, Waringa A. (in press). Het ontwerpen en implementeren van online interventies. In A Waringa, A Ribbers (Ed.), Aan de slag met e-health: Praktische gids voor zorg- en hulpverleners. Amsterdam: Boom.

CGT in het algemeen: veel gebruikt handboek in opleidingen:

Image geintegreerde cognitieve gedragstherapie

K. Korrelboom & E. ten Broeke (2014). Geïntegreerde Cognitieve gedragstherapie. Handboek voor theorie en praktijk.

Psycho-educatief groepsprogramma voor patiënten met een implantable cardioverter defibrillator (ICD) en hun partners 

Onderzoek heeft aangetoond dat een kwart van de ICD-dragers en hun partners psychologische klachten ervaren, die vaak niet herkend of behandeld worden. Dr. Henneke Versteeg en Ivy Timmermans (UMC Utrecht, Tilburg University) hebben in samenwerking met cardio-psychologen een psycho-educatief groepsprogramma ontwikkeld, en getest op haalbaarheid in 6 Nederlandse ziekenhuizen. De deelnemers beoordeelden het programma met een score van 8/10, en gaven aan dat het hun psychologische klachten had verminderd, en hun vertrouwen, begrip, en acceptatie van de ICD had verbeterd. De cardio- psychologen zijn van mening dat het programma van toegevoegde waarde is voor deze doelgroep, en een aantal van hen heeft het programma toegevoegd aan het huidige behandelaanbod. 

Richtlijnen

Leefstijl

Bij CoRPS weten we hoe moeilijk het is om een leefstijl verandering vol te houden! We doen hier dan ook veel onderzoek naar bij diverse patiëntengroepen.

Kanker

Een van onze recente projecten (OPTIMUM studie) onderzoekt op dit moment de optimale timing en methode voor het bevorderen van het voldoen aan leefstijlaanbevelingen in postmenopauzale borstkanker overlevenden. De resultaten van dit onderzoek zullen worden verwerkt in oncologische richtlijnen.

Nazorg

Hoe we de nazorg na kanker het beste kunnen organiseren is vaak onbekend. In de ENSURE trial onderzoeken we of vrouwen met een beperkte vorm van baarmoederkanker niet net zo goed af zijn met minder langdurige en intensieve nazorg. We verwachten dat deze vrouwen ten minste even tevreden zijn met de zorg, niet angstiger zijn of een slechtere kwaliteit van leven hebben na minder intensieve nazorg. Resultaten van deze studie, waaraan inmiddels voldoende vrouwen deelnemen, worden gebruikt om de richtlijnen te updaten.

Risicofactoren

Het onderzoek van CoRPS op het gebied van hart- en vaatziekten heeft bijgedragen aan de nieuwe richtlijnen voor Preventieve hartzorg (2011, 2016), in het bijzonder de paragraaf over psychosociale risicofactoren. CoRPS onderzoek heeft aangetoond dat Type D persoonlijkheid een onafhankelijke risicofactor voor hart- en vaatziekten is, leidend tot de concluslie in de richtlijn dat er gescreend zou moeten worden op o.a. Type D persoonlijkheid (naast depressie en angst).

Op dit moment wordt het screeningsinterview uit de 2016 guidelines uitgebreid gevalideerd in de THORESCI studie van dr. Nina Kupper (CoRPS). Deze draait sinds 2014 in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis.