Administratie en geld

Collegegeld

Drie verschillende tarieven

Op deze pagina vind je een korte uitleg over de drie verschillende soorten tarieven. Op de hieronder beschreven hoofdregels zijn veel uitzonderingen van toepassing en bovendien vallen sommige studenten nog in een overgangsregeling.

Waarom verschillende tarieven en waarop zijn die gebaseerd?

In de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek is vastgelegd dat een student voor het initieel onderwijs wettelijk collegegeld of instellingscollegegeld verschuldigd is. Voor de meeste studenten geldt het wettelijk collegegeld. De hoogte daarvan wordt door de minister bepaald.

Studenten die een tweede bachelor-of masteropleiding gaan volgen nadat ze eerder een bachelor-of masterdiploma hebben behaald, alsmede studenten van buiten de Europese Economische Ruimte, betalen instellingscollegegeld. Deze tarieven worden vastgesteld door het College van Bestuur na advies van de Universiteitsraad.

In principe zijn de instellingstarieven van Tilburg University gebaseerd op de integrale kosten van het initieel onderwijs in de bachelor- en masteropleidingen. Uit marketingoverwegingen kan daarvan voor sommige opleidingen worden afgeweken. Daarnaast kunnen faculteiten aan zeer veelbelovende studenten een korting (waiver) aanbieden. Het instellingstarief mag niet lager zijn dan het volledige wettelijke tarief. De inkomenspositie van studenten speelt geen rol bij de hoogte van de tarieven. Hiervoor bestaan beursverstrekkende organisaties waar studenten terecht kunnen.

Studenten die in het bezit zijn van een HBO-bachelor diploma en die voor de doorstroming naar een verwante masteropleiding een deficiëntieprogramma moeten volgen, betalen een vergoeding. De hoogte daarvan is afhankelijk van de studielast in EC. Voor het gedeelte tot 30 EC geldt dat een overeenkomstig deel van het wettelijke collegegeld verschuldigd is; voor het gedeelte van 30 EC tot en met 60 EC is een vermenigvuldigingsfactor tot maximaal 2 toegestaan.


Studenten ontvangen na het behalen van hun masterdiploma aan Tilburg University kennisbonnen voor in totaal 12 EC. Hiermee kunnen tot vijf jaar na afstuderen gratis aanschuifcursussen worden gevolgd die deel uitmaken van het reguliere studieprogramma.

Wettelijk tarief: nog geen diploma (Euro 1951,- in 2015-2016)

Jaarlijks stelt de minister van Onderwijs het collegegeld vast voor voltijd- en deeltijdstudies in het Nederlands hoger onderwijs. Dit tarief dient te worden betaald door studenten voor een bacheloropleiding, wanneer ze nog geen bachelordiploma hebben behaald; en voor een masteropleiding wanneer ze nog niet eerder masterdiploma hebben behaald. Dit is het wettelijk tarief.

Dit wettelijk tarief is overal hetzelfde en hoeft maar één keer betaald te worden, ongeacht hoeveel verschillende studies of vakken je volgt op verschillende instellingen, zolang je voor die opleiding wettelijk tarief betaalt.

Instellingstarief: in het bezit van een diploma of geen EER-nationaliteit

Instellingstarief: in het bezit van een diploma of geen EER-nationaliteit (bachelor € 8000; master € 13.000)

De tarieven voor overige studenten (studenten zonder EER-nationaliteit of daaraan gelijkgesteld, en/of die al een diploma hebben), voor deeltijdse en andere vormen van hoger onderwijs mag de onderwijsinstelling zelf bepalen. Dit heet het instellingstarief. Dit tarief is meestal een flink stuk hoger dan het wettelijk tarief.
Wanneer je instellingstarief betaalt, moet je dat voor iedere inschrijving afzonderlijk betalen.

Het kan voorkomen dat je meerdere tarieven naast elkaar betaalt, wanneer je voor meerdere opleidingen bent ingeschreven.
Bijvoorbeeld: je bent Nederlander, woont in Nederland en hebt een bachelordiploma. Wanneer je voor een tweede bacheloropleiding en een (eerste) master opleiding inschrijft betaal je instellingstarief voor de bacheloropleiding én het wettelijk tarief voor de masteropleiding. Wanneer je nog geen bachelordiploma zou hebben, betaal je maar één keer het wettelijk tarief voor beide opleidingen.

Let op: op 1 september 2015 is de overgangsregeling van Tilburg University afgelopen. Dat betekent dat je voor iedere inschrijving voor een opleidingsfase (bachelor of master) waarvoor je al een diploma hebt, je het hoge instellingstarief betaalt.

Pre-master tarief

Pre-master studenten volgen een schakelprogramma en betalen daarvoor geen collegegeld maar een vergoeding per vak. De vergoeding is een proportioneel deel van het wettelijk tarief (€ 196 voor 6 ec) voor een programma tot en met 30 ec. Daarboven verschillen de tarieven per opleiding, met een maximum van € 2927 voor 54 ec en meer bij TiSEM, TLS en TSH. Bij TSB is het maximum voor 54 ec en meer gelijk aan het wettelijk tarief (€ 1951).

De pre-masterstudent, die in een bacheloropleiding wordt ingeschreven, mag geen andere vakken volgen dan de vakken die door de examencommissie zijn vastgesteld. Als hij toch andere vakken wil volgen, moet hij zich daarvoor als contractcursist inschrijven en ook daarvoor betaalt hij een vergoeding per vak. Bij voortijdig uitschrijven ontvangt de pre-masterstudent geen restitutie van (een deel van) de vergoeding.

Regeling Inschrijving en Collegegeld

Op de pagina tarieven vind je de Regeling Inschrijving en Collegegeld, waarin je de officiële definities, tarieven, voorwaarden en uitzonderingen kunt vinden. In een bijlage van de regeling vind je tevens de indicatieve tarieven tot en met 2018-19 voor het wettelijk tarief en het instellingstarief.

Stuur door

Wat is de uitkomst van acht plus negen

Mail ons / reageer

Heb je een vraag over de inhoud van deze pagina?

Of wellicht een algemene vraag of een vraag of opmerking over de website?

Stel hem via dit formulier en je ontvangt zeker een reactie.

Wat is de uitkomst van acht plus negen

Geef een numerieke waarde op