Elephant Elvira Martinez Camacho 2019

Grote wilde dieren als sleutel tot biodiversiteitsherstel

Passie 5 min. Corine Schouten

We leven in een tijd waarin de ene crisis nog niet voorbij is als de andere, nog grotere voor de deur staat. Maar de grootste crisis die alle andere uiteindelijk teniet kan doen is de biodiversiteitscrisis. Om die aan te pakken, moeten we ook groot denken, zegt milieurechtwetenschapper Arie Trouwborst. Hij houdt zich bezig met de terugkeer van megafauna, ofwel grote wilde dieren zoals wisenten, wolven, maar ook leeuwen en olifanten, in Europa.

In ons collectieve geheugen horen grote wilde dieren thuis in Afrika en Zuidoost-Azië. Als wij in Europa aan uitstervende dieren denken komen we eerder uit bij de bij, de mus of de kievit. Het shifting baseline syndrome heet dat: elke generatie herinnert zich slechts de typische soorten van zijn jeugd. Zo beschouwd lijden we aan collectief geheugenverlies, aldus Arie Trouwborst, en zijn we de grote dieren die miljoenen jaren lang een sleutelrol speelden in Europese ecosystemen totaal vergeten. Zoals daar waren: wilde paarden en runderen, elanden, wisenten (bizons), leeuwen en hyena’s, maar ook neushoorns, mammoeten en bosolifanten. De opkomst van Homo sapiens, vanaf zo’n veertigduizend jaar geleden, maakte daar een einde aan.

Megafauna terugbrengen

Om ons ecosysteem te herstellen, zouden we de megafauna terug moeten brengen die er was voordat de grote beesten uitstierven, aldus de meest recente inzichten van ecologen. Grote zoogdieren zorgen voor robuuste en rijke ecosystemen die veel minder kwetsbaar zijn voor klimaatverandering: de bodem knapt op, de biodiversiteit neemt toe, de waterhuishouding verbetert, en de gevolgen van droogte, bosbranden en overstromingen nemen af. Bovendien houden zulke gezonde, dynamische ecosystemen zichzelf in stand, zonder dat we er iets aan hoeven te doen.

De vraag is natuurlijk: kunnen we in Europa nog wel samenleven met wilde dieren? “Terug naar 50.000 jaar geleden kan niet,” zegt Trouwborst, “maar er bestaat wel een gouden standaard om zo dicht mogelijk bij grote biodiversiteit te komen. Daar horen grote aantallen en een grote diversiteit aan grote zoogdieren bij.”

Het recht als breekijzer en hindernis

Als jurist verheldert Trouwborst de rol van het recht in alle mogelijke scenario’s om ecosystemen te herstellen. Die rol kan een positieve zijn, zoals de terugkeer van de wolf in Nederland laat zien. De juridische bescherming van de wolf op Europees niveau is doorslaggevend gebleken. In het internationale recht bestaat ook al de verplichting om bij ons verdwenen wilde dieren zoals de wisent actief te herintroduceren, zo blijkt uit onderzoek van Trouwborst in samenwerking met de Deense ecoloog Jens-Christian Svenning. Dat volgt onder meer uit het Biodiversiteitsverdrag, waarin is afgesproken dat beschadigde ecosystemen ‘zoveel als mogelijk en passend’ hersteld moeten worden.

Arie Trouwborst at Rewilding Symposium

Europese politici hebben een grote blinde vlek voor soorten die verdwenen zijn

Maar wie weet er nog dat de eland een typisch Nederlandse soort was, of dat er hyena’s rondliepen in Europa? “Europese beleidsmakers hebben een grote blinde vlek voor soorten die verdwenen zijn,” vertelt Trouwborst. Daarom zetten Svenning en hij alle soorten grote Europese zoogdieren van meer dan 10 kilo op een rij die zonder menselijke bemoeienis vandaag in Europa zouden hebben rondgelopen, 74 in totaal. Meer dan de helft ervan is verdwenen. Hoe zwaarder de soorten, hoe meer ervan zijn uitgestorven. De uitgestorven dieren zijn niet meer terug te brengen, maar er wordt al serieus nagedacht over experimenten met ‘vervangende’ diersoorten, zoals de Aziatische olifant.

Het recht helpt niet alleen mee aan natuurherstel: het werpt ook obstakels op. Volgens het landbouwrecht moet je ziektes voorkomen door inenting, en karkassen van dode dieren opruimen. Dat geldt ook voor de (half-)wilde runderen en paarden die met succes zijn geïntroduceerd in een aantal Nederlandse uiterwaarden, en in de Oostvaardersplassen. Trouwborst: “De juridische vraag is: welke status hebben deze dieren? Hebben wij een zorgplicht, of een afblijfplicht? We moeten een juridische status creëren die goed werkt. Het mooist zou zijn als gededomesticeerde paarden en runderen weer de officiële status krijgen van wilde, inheemse diersoort.”

Maatschappelijke onwil

Naast het landbouwrecht dat in de weg zit, bestaat er onwil in de maatschappij om wilde dieren toe te laten in de leefomgeving. Die onwil om met lastige dieren samen te leven was natuurlijk ook precies de reden dat ze vroeger werden uitgeroeid. Een goed voorbeeld nu is de weerstand tegen de eerste paar wolvenroedels die zich weer in Nederland hebben gevestigd. “De status quo veranderen is altijd lastig; het is aan de overheid om de regie te voeren,” zegt Trouwborst. Ter geruststelling: er zullen niet zomaar hyena’s in Nederlandse achtertuinen verschijnen. Maar er zijn in Europa gebieden met een lage bevolkingsdichtheid waar het zou kunnen. Trouwborst: “Waarom zouden we de wolf en de lynx wel laten terugkeren, maar kraagberen en luipaarden niet? Strikt genomen zijn die net zo inheems. In forse delen van Europa is de landbouw niet meer rendabel, daar zouden natuurherstelprojecten met grote charismatische dieren zelfs een impuls kunnen zijn voor het platteland.”

Wisent and wurroundings

We hebben een morele plicht om met uitsterven bedreigde megafauna terug te brengen

Wat wildbeheer betreft kunnen we in Europa nog wat leren van de Afrikaanse wildparken. Sterker nog: we hebben volgens Trouwborst een morele plicht om de Europese megafauna in ere te herstellen. Niet alleen omdat we moeten herstellen wat de mens heeft vernield, maar ook om het behoud van met uitsterven bedreigde diersoorten (leeuwen, luipaarden, nijlpaarden, neushoorns, olifanten, kraagberen) niet aan Afrika en Azië over te laten. “Als wij niet willen dat die dieren uitsterven, kunnen we niet met droge ogen verwachten dat arme landen daarvoor opdraaien. Dan zeg je eigenlijk dat wij bijzondere privileges hebben,” aldus Trouwborst. “Stel dat Tanzania zou zeggen dat ze daar maar zes troepen leeuwen in stand kunnen houden en de rest gaan afschieten, zoals Noorwegen nu doet met de wolven. Dat zou een internationale controverse zijn.”

Overigens bestaat er inmiddels een brede, internationale ‘rewilding’ beweging, met als doel om ecosystemen zo ver te herstellen dat ze zichzelf in stand kunnen houden. Onlangs verscheen het rapport Wildlife comeback in Europe in opdracht van Rewilding Europe, in Wageningen is pas een nieuwe hoogleraar Rewilding Ecology benoemd, en Trouwborst wordt uitgenodigd voor het ene rewilding congres na het andere. De Verenigde Naties heeft het huidige decennium uitgeroepen tot Decade of ecosystem restoration.

Groot denken

In Europa en Nederland zijn grofweg drie soorten actie nodig om ecosystemen te herstellen: fors meer ruimte maken voor natuur, vervuiling aanpakken (inclusief stikstof), obstakels zoals dammen in rivieren wegnemen, en ontbrekende soorten terugbrengen, zegt Trouwborst. “En dan op je klapstoel gaan zitten. Maaien, snoeien, plaggen en ander arbeidsintensief beheer hoeft dan niet meer.” Praktisch gezien kan het allemaal, maar zo’n transitie kost wel moeite. We zijn het bijvoorbeeld verleerd om met wilde dieren om te gaan. Trouwborst: “Ik snap heel goed dat schapenhouders niet op wolven zitten te wachten, maar we moeten toch uitzoomen naar het grote plaatje.”

De klimaatcrisis is groter dan alle andere en de biodiversiteitscrisis is misschien wel de belangrijkste,. Als we die niet aanpakken, halen de gevolgen ervan ons in.

Zitten we daarvoor nu niet te veel in een energiecrisis, een arbeidsmarktcrisis, een oorlog op Europees grondgebied, dreigende recessie? Een goede overheid houdt zich bezig met de lange termijn, ook in tijden van crisis, is het antwoord. Trouwborst laat een spotprent zien van Graeme MacKay, waarin de Covidcrisis een golf is die wordt overspoeld door een grotere recessiegolf, met daarachter een nog grotere klimaatcrisisgolf en dan een helemaal kolossale biodiversiteitscrisisgolf. “De klimaatcrisis en vooral de biodiversiteitscrisis zijn de meest fundamentele van allemaal,” zegt hij. “Als we die niet aanpakken, halen de gevolgen ervan ons op alle fronten in.”

Vandaar ook zijn fascinatie voor megafauna en hun ecologische sleutelrol. “Voor mijn werk kom ik regelmatig in Afrika en dat is elke keer een bijzondere ervaring. Een ontmoeting met een buffel of olifant is echt spannend; het maakt je klein als mens. Maar het feit dat daar gewoon nog vrij complete ecosystemen bestaan, en de realisering dat dat in Europa ook zo was, heeft mij veranderd. Nu zie ik de Veluwe meer als een ruïne in plaats van het wildrijke gebied dat ik vroeger als een soort walhalla zag. Dromen over herstel vind ik inspirerend. Let’s think big.”

Global Law and Governance

Het megafauna onderzoek maakt deel uit van het onderzoeksprogramma Global Law and Governance van Tilburg Law School, over de rol van het recht in de grote vraagstukken van deze tijd. Arie Trouwborst onderzoekt de rol van het recht op lokaal en internationaal niveau en de interactie daartussen, en combineert dat met inzichten uit de ecologie, paleontologie, economie en sociologie om beter praktische resultaten te kunnen bereiken.

 “Maatschappelijk nut heb ik altijd belangrijk gevonden in mijn werk,” vertelt hij. En als dat werk dan echt vruchten afwerpt, zoals het uitblijven van wolvenvrije zones in Nederland (met dank aan publicaties van Trouwborst en collega Kees Bastmeijer), doet hem dat wel iets. Natuurlijk moet je als wetenschapper objectief en neutraal blijven in het uitvoeren van onderzoek. Maar de selectie van de onderzoeksvraag heb je in de hand.”

Colofon beeld: foto olifant door Elvira Martinez Camacho; tekening wisent doorJeroen Helmer.

Meer lezen?