Esmah Lahlah

Esmah Lahlah gaat liever voor unanieme besluiten, dan voor de meerderheid

Karakter 5min. Tineke Bennema

Als docent victimologie en ontwikkelingspsychologie bij TLS kreeg ze vier jaar geleden een telefoontje of ze wethouder ‘sociaal domein’ wilde worden. Geringe bestuurservaring geen bezwaar. Drie weken later zat ze op het pluche. Vorige maand riep Binnenlands Bestuur haar uit tot ‘beste lokale bestuurder’ van Nederland. En na een carrière in de wetenschap en het bestuur, neemt ze opnieuw een drastische stap: de politiek in als lijsttrekker van GroenLinks in Tilburg. Esmah Lahlah studeerde en promoveerde aan Tilburg University. ‘Dat we echte samenlevingen maken, waar iedereen zich optimaal kan ontwikkelen, gezien en gehoord wordt’ is haar diepste wens.

Officieel heeft ze vier jaar ‘politiek verlof’ gekregen van de universiteit en is ze er nog steeds aan verbonden. Lahlah, Helmondse van origine, studeerde ontwikkelingspsychologie aan Tilburg University. Ze promoveerde bij Intervict op het onderwerp hoe gewelddadige jeugdervaringen kunnen doorwerken bij Marokkaans-Nederlandse adolescente delinquenten. In Tilburg en Groningen doceerde ze over kindermishandeling en verwaarlozing. ‘Werken op de universiteit en als lector in Groningen vond ik heerlijk. De diepte ingaan op één onderwerp. Ingewikkelde kwesties steeds verder ontrafelen. De universiteiten staan natuurlijk veel meer in de samenleving dan vroeger, maar in openbaar bestuur voel je nog meer de energie van het samen dingen voor elkaar krijgen. Je kunt op een dag allerlei organisaties ontmoeten, inwoners en de minister; in bestuur is geen dag hetzelfde.’

Esmah Lahlah

Ik weet niet of mijn hart dichter ligt bij wetenschap of bestuur, ik ging volledig voor beide

Esmah Lahlah

Foto: Dolph Cantrijn

Heeft de wetenschap je geholpen in je werk als bestuurder?

‘De wetenschap leerde mij de waarde van onderzoek kennen en het belang van het kijken naar een onderwerp vanuit verschillende kanten. Voor een bestuurder is het nodig veel mensen om je heen te hebben die ‘tegendenken’, of je wel alle perspectieven recht kunt doen. En ook dat data gedreven werken leerde ik van de wetenschap. Feiten verzamelen. Mensen die een beroep doen op de gemeente, zeker in mijn portefeuille, zijn naast talentvol ook vaak kwetsbaar. Over hun hoofden heen wil je geen politiek bedrijven. Het verschil met de wetenschap is dat je daar nadenkt tot alles helemaal rond is. Dat zou ik in bestuur zeker ook willen, maar dat kan niet altijd. Je moet soms snel besluiten nemen, natuurlijk op basis van gedegen voorkennis. Als wethouder maak je ook impact; je geeft richting en koers aan. Ik weet niet of mijn hart dichter ligt bij wetenschap of bestuur, ik ging volledig voor beide.’

Liever voor unanimiteit dan meerderheid

Lahlah spreekt snel en uitvoerig. Lachend: ‘‘Daar komt de TGV weer langs’, zegt Tom mijn woordvoerder.’ Ze had nog nooit een raadsvergadering bijgewoond, maar de klik met de gemeente en de raad was er meteen. Lahlah wordt geroemd om haar openheid en empathie. Ze kreeg de ruimte om te pionieren en zich de gemeentelijke mores eigen te maken. Haar portefeuille: Wethouder Arbeidsparticipatie, Bestaanszekerheid, Integrale aanpak van Asiel en Inburgering en Mondiale Bewustwording. In de raad nam ze een aparte positie in als partijloze, ‘partijrijke’, wethouder, vult ze zichzelf aan. ‘Eigenlijk ben je een beetje van iedereen. Ik ga liever voor unanieme besluiten, dan voor de meerderheid. Voor een gezamenlijk beleid dat door ieder wordt gesteund, zoals met het nieuwe beleid op het gebied van arbeidsparticipatie Tilburg Investeert in Perspectief. De eerste resultaten laten zien dat mensen sneller uit de bijstand komen, dat is fantastisch. Maar nog veel belangrijker is dat ze zich gezien en gehoord voelen, dat hun gezondheid is verbeterd en dat ze lekkerder in hun vel zitten. Dat ons beleid nu zo goed uitgepakt, tezamen met de verhalen van de inwoners, is echt heel tof.’

Dit nieuwe beleid is overigens gestoeld op een aantal experimenten, waaronder het Vertrouwensexperiment. In dit experiment, dat belangstelling uit het hele land kreeg, werd onderzocht wat het effect van vertrouwen en een regelluwe bijstand is op mensen op het gebied van werk, gezondheid en welbevinden.

Naast alle successen, had je ook zware zaken om te behandelen, zoals corona en Chroom-6.

‘De coronatijd is heel moeilijk geweest, iedereen zit in dezelfde storm, maar ieders bootje is weer anders. Coronatijd heeft ons veel gebracht maar ook veel gekost. Ik had graag gezien dat we verder waren gekomen met onze nieuwe koers van vertrouwen, nabijheid en maatwerk. Maar als je niet meer op huisbezoek kan, alleen maar kunt beeldbellen, juist met de meest kwetsbaren met wie je in verbinding wil staan, komt dat beleid minder tot wasdom.’

Wat tot veel ophef leidde, was de kwestie van Chroom-6, een giftige stof in verf die lang gebruikt is terwijl opdrachtgever wist dat het gevaarlijk was: ‘Het onderzoek werd afgerond toen ik nog niet zo lang wethouder was. Een pijnlijke zaak voor alle betrokkenen.’ Lahlah trok zich het lot van de slachtoffers enorm aan. ‘We hebben ons naar eer en geweten ingezet voor een zo goed mogelijke regeling en tegemoetkoming. Maar je zou het liefst zien dat het nooit had plaatsgevonden. Er is zoveel pijn. En ik stelde me voor dat mijn vader of moeder daar in de raadszaal zaten op de eerste rij om te luisteren naar het politieke debat dat over hen werd gevoerd.’ Ze valt even stil.

Je kwam in het nieuws met de maand in de bijstand. Wat was je doel toen je eraan begon?

‘Ik wilde voelen hoe het was en tegelijkertijd onderzoeken of ik er nog van kon leren. Ik zag hoe het is om op te groeien in een omgeving waar mensen geen werk hebben en onderwijs en studie niet vanzelfsprekend zijn. Er kwam een moment dat ik niet genoeg geld had om bezoek koffie en een koekje aan te bieden. Ik kende mijn bankrekening tot 2 cijfers achter de komma. Het rond moeten komen, hield me dag en nacht bezig. En juist van deze mensen vragen wij als gemeente het meeste in onze contacten. Elke keer bij alle formulieren invullen, moet je je kwetsuren weer op tafel leggen. Als mensen in een afhankelijkheidsrelatie zitten, kunnen dingen anders aankomen. Belangrijk is om je je altijd te realiseren hoe het is om afhankelijk te zijn. De laatste drie dagen wist ik niet meer hoe ik het moest rooien met mijn kinderen. Het was overleven. En dan had ik nog de luxe dat ik wist dat het na een maand voorbij was.’

Ga je anders werken nu je voor de politiek kiest?

‘Sommige mensen probeerden wel te raden waar mijn politieke affiniteit lag. Van VVD tot GroenLinks werd er gegokt. Dat vind ik wel een compliment. Ik was overal welkom, zij het nergens thuis. Dat was ook eenzaam. Ook al heb ik nu wel het labeltje GroenLinks, ik ben niet veranderd. Ik kan alleen mezelf zijn. Klimaat en het sociale domein zijn de urgente thema’s van de toekomst en ik wil graag daar mijn volledige aandacht aan schenken. De aarde wordt warmer en de mensen armer. Daarom heb ik de keuze gemaakt om samen te werken en aan oplossingen te denken waar ik me thuis voel. Ik wil nog steeds werken met verschillende perspectieven. Het is jammer dat de focus in de maatschappij zo op verschillen ligt en niet op overeenkomsten. Ik ben blij met de zaken die ik als wethouder ben gestart en het zou jammer zijn als ik die niet verder kan brengen.’

De wetenschapper, de bestuurder en de politicus, wat is de drijfveer onder die drie verschillende petten?

Ze aarzelt geen moment. ‘In onze samenleving kunnen we met elkaar alle verschillende talenten en perspectieven koesteren. Maar ik zie ook mensen die het gevoel hebben dat ze niet kunnen of mogen meedoen en daar vloeit uit voort dat ze niet meer wíllen meedoen. Mensen met een bepaalde seksuele voorkeur, of die in de armoede zitten, een migratieachtergrond hebben bijvoorbeeld. Ik houd me bezig met de vraag: hoe kunnen we ervoor zorgen dat we een echte samenleving maken, waarin iedereen zich optimaal kan ontwikkelen en ook gezien en gehoord wordt.

Ik zou willen dat het niet meer uitmaakt of je ouders academisch of praktisch zijn opgeleid, waar je wieg stond of wat voor omgeving je hebt. Ik zou zelf niet zijn waar ik nu ben, als er op cruciale momenten in mijn leven geen mensen naast mij hadden gestaan. Mijn ouders, mijn Marokkaanse vader en Nederlandse moeder, zijn niet universitair geschoold, maar wilden het beste voor mij. Voor sommige mensen die pech hebben is het nodig dat de overheid naast je gaat staan. Ik ben pas tevreden als de samenleving echt inclusief is en iedereen meedoet. Daar wil ik mijn bijdrage aan leveren en gaat mijn hart sneller van kloppen.’

 

Foto bovenaan: Dolph Cantrijn